Voorbeschouwing: Parijs-Roubaix 2022 | WielerFlits

Artikel van Wielerflits:Nick Doup

Het is tijd, de hoogste tijd voor Parijs-Roubaix. De monumentale klassieker in het noorden van Frankrijk waar veel renners en wielerliefhebbers met plezier naar uitkijken. Het is nog maar 197 dagen na de laatste, kletsnatte en modderige editie van oktober, maar dat maakt de pret er niet minder om. Zondag krijgen de mannen op weg naar Roubaix dertig stroken en 55 kilometer aan kasseien voor de kiezen. De vraag der vragen is: wie volgt Sonny Colbrelli op? WielerFlits blikt vooruit.

Historie

Parijs-Roubaix is een van de oudste klassiekers ter wereld, en zal dat ook altijd blijven. De Franse voorjaarswedstrijd werd in 1896 opgericht door twee textielproducenten uit Roubaix, Theo Vienne en Maurice Perez. Zij zagen het succes van Bordeaux-Parijs – een in 1891 door Le Véloce-Sport opgerichte wedstrijd met lengtes tot boven de 600 kilometer – en wilden zelf ook een koers organiseren. Deze wedstrijd moest eindigen op de wielerpiste die ze het jaar daarvoor hadden gebouwd, in Roubaix.

Vienne en Perez gingen met het plan naar een belangrijke Franse krant, Le Vélo. Zij waren namelijk van mening de sportkrant nodig te hebben om de koers te organiseren. Een redacteur van Le Vélo, Victor Breyer, pakte de fiets en besloot de route te rijden, maar de weersomstandigheden waren op die dag erg slecht. Breyer bereikte Roubaix vuil en uitgeput. In eerste instantie concludeerde hij dat het veel te gevaarlijk zou zijn om hier een wedstrijd te organiseren, maar uiteindelijk veranderde hij van mening. Parijs-Roubaix kwam er.

Hennie Kuiper in Parijs-Roubaix 1983; ondanks pech wist hij te winnen – foto: Cor Vos

De eerste editie werd gewonnen door Josef Fischer, een van de weinigen die zich had aangemeld en wél aan de start verscheen. Slechts vier renners eindigden in 1896 binnen het uur van de winnaar. Een bekende bijnaam van Parijs-Roubaix is al sinds jaar en dag ‘De Hel van het Noorden’. Die naam is afkomstig van de eerste editie na de Eerste Wereldoorlog. Journalisten kwamen er bij de verkenning van het parcours achter dat het meest noordelijke deel van het parcours totaal vernietigd was door de oorlog. “Dit is een hel”, schreven ze later in de krant. Et voila.

Jozef Fischer, de eerste winnaar en in 1900 ook nog eens tweede, werd in 1865 geboren in Neukirchen. Dat lag destijds nog in het Duitse Keizerrijk. Anno 2022 is de plaats Neukirchen beim Heiligen Blut nog altijd Duits en onderdeel van de deelstaat Beieren. Lange tijd was hij de enige Duitse winnaar. Het duurde uiteindelijk 119 jaar voor een tweede Duitse overwinning in Parijs-Roubaix te vieren was. John Degenkolb trad in 2015 namelijk in de voetsporen van Fischer. Zwitserland (4 zeges), Nederland (6), Italië (14), Frankrijk (28) en België (57) doen het beter dan Duitsland.

De tweede Duitse overwinning in Parijs-Roubaix volgde in 2015 – foto: Cor Vos

Zes Nederlandse overwinnaars dus in de Helleklassieker. Peter Post staat voor altijd als eerste Nederlander op de erelijst, door in 1964 na ruim 260 kilometer koers drie Belgen te kloppen op de wielerbaan van Roubaix. Drie jaar later was Jan Janssen de volgende, waarna in 1982 en 1983 Jan Raas en Hennie Kuiper voor Hollandse glorie zorgden. De modderige zege van Servais Knaven in 2001 staat veel wielerfans in het geheugen gegrift en hij kreeg in 2014 een opvolger in Niki Terpstra.

Aan de opsomming met Belgische winnaars gaan we maar niet beginnen, want na de overwinning van Cyrille Van Hauwaert in 1908 zijn er nog 56 andere zeges bij gekomen. Toch kunnen we niet onder de reeksen van Roger De Vlaeminck en Tom Boonen uit. Zij wonnen allebei vier keer Parijs-Roubaix en delen daarmee het record van meeste zeges. De Vlaeminck won in 1972, 1974, 1975 en 1977 en Boonen in 2005, 2008, 2009 en 2012. Met drie overwinningen volgen Gaston Rebry, Rik Van Looy, natuurlijk Eddy Merckx, Johan Museeuw en Fabian Cancellara.

Boonen en Cancellara zijn de laatsten die Parijs-Roubaix meerdere keren wisten te winnen. Geen van de huidige actieve renners wist meer dan eens het Franse monument op zijn naam te schrijven. De hamvraag is dan ook: welke van de oud-winnaars gaat zich in het rijtje meervoudige winnaars voegen?

Het kwartet van Tom Boonen was in 2012 compleet – foto: Cor Vos

Laatste tien winnaars Parijs-Roubaix
2021: flag-it Sonny Colbrelli
2020: Niet verreden vanwege de coronacrisis
2019: flag-be Philippe Gilbert
2018: flag-sk Peter Sagan
2017: flag-be Greg Van Avermaet
2016: flag-au Mathew Hayman
2015: flag-de John Degenkolb
2014: flag-nl Niki Terpstra
2013: flag-ch Fabian Cancellara
2012: flag-be Tom Boonen
2011: flag-be Johan Vansummeren


Vorig jaar

Na bijna tweeënhalf jaar gingen de renners eindelijk weer dokkerend over de ontelbare kasseien die het parcours van Parijs-Roubaix rijk is. De editie van het voorjaar van 2020 werd in totaal drie keer uitgesteld, want ook eind 2020 en begin 2021 kon het niet doorgaan. Het weekend van 2 en 3 oktober werd aangewezen voor de vrouwen- en de mannenwedstrijd. De voorpret werd nog groter door de weersverwachtingen.

In de stromende regen gingen de renners van start. Na 50 kilometer koers ontstond een serieuze kopgroep van 27 coureurs met daarbij meerdere kleppers. Onder hen Greg Van Avermaet, Davide Ballerini, Tim Declercq, Edoardo Affini, Timo Roosen, Nathan Van Hooydonck, Florian Vermeersch, Jasper Philipsen, Marco Haller, Gianni Moscon, Luke Rowe, Nils Eekhoff en Max Walscheid. Zij begonnen met een voorgift van 1.40 minuut aan de eerste kasseistrook in Troisvilles. Daar was het meteen chaos tot en met vanwege de kletsnatte kasseien.

Gianni Moscon leek solo op weg naar de winst – foto: Cor Vos

Na drie stroken was het peloton al gereduceerd tot een vijftigtal renners. Veel toppers zaten goed van voren om uit de problemen te blijven. Aan kop waren het Eekhoff, Vermeersch, Rowe en Walscheid die op de kasseien wisten weg te rijden. Zij hadden op 140 kilometer van de meet bijna drie minuten voorsprong op de favorietengroep. Daar spatte met nog 130 kilometer te gaan de elitegroep volledig uit elkaar, met onder meer Wout van Aert en Mathieu van der Poel op de voorposten. Vlak voor het Bos van Wallers werd die groep gereduceerd tot een vijftiental renners.

Op de loodzware vijfsterrenstrook was het chaos troef. Van der Poel nam de kop in het Bos en Van Aert bleef met geluk overeind na een val vlak voor zijn neus, maar de Belgische kampioen moest daardoor wel in de achtervolging. De strook daarna sloot Van Aert terug aan. De vlucht van Vermeersch en Eekhoff strandde vlak voor de strook van Hornaing. Van der Poel moest 75 kilometer voor de meet van fiets wisselen, maar hij was binnen no time weer terug in de favorietengroep en plaatste vervolgens op de Tilley-strook een demarrage. Yves Lampaert, Zdeněk Štybar en Heinrich Haussler leken te kunnen volgen, maar een ontketende MVDP schudde ze allemaal af.

Mathieu van der Poel in het Bos van Wallers – foto: Cor Vos

Met nog ruim 50 kilometer te gaan was het wedstrijdbeeld redelijk overzichtelijk: Moscon, Vermeersch en Tom Van Asbroeck hadden 45 seconden voorsprong op de groep-Van der Poel en 1.40 minuut op de groep-Van Aert. De lange strook naar Bersée gebruikte Moscon om solo weg te rijden. Hij reed alleen maar weg van de concurrentie, die bestond uit Van der Poel, Sonny Colbrelli, Guillaume Boivin, Vermeersch en Van Asbroeck. Maar het liep allemaal anders… Eerst reed Moscon lek en moest hij van fiets wisselen, waarna hij op de natte strook van Cysoing ook nog eens ten val kwam. De groep-Van der Poel kwam daardoor tot op tien seconden.

Vermeersch, Van der Poel en Colbrelli bleven overeind en hadden Moscon in zicht aan het eind van de strook. Daarna was het alle hens aan dek voor Carrefour de l’Arbre. Dat was het moment voor Van der Poel om aan de boom te schudden, waardoor hij 16 kilometer voor de meet Moscon in de kraag vatte. De Italiaan moest vervolgens lossen toen zijn landgenoot Colbrelli versnelde. Van der Poel en Vermeersch konden wel mee.

De drie koplopers hielden elkaar goed in de gaten en gingen sprinten op de wielerbaan: Vermeersch ging die in de laatste bocht als eerste aan, maar hij werd in een sprint der stervende zwanen geklopt door Colbrelli. De Italiaan was in extase en kon zijn geluk niet op. Achter hem werd Vermeersch knap tweede, voor een moegestreden Van der Poel.

De sprint der stervende zwanen – foto: Cor Vos

Uitslag Parijs-Roubaix 2021
1. flag-it Sonny Colbrelli (Bahrain Victorious) in 6u01m57s
2. flag-be Florian Vermeersch (Lotto Soudal) in z.t.
3. flag-nl Mathieu van der Poel (Alpecin-Fenix) in z.t.
4. flag-it Gianni Moscon (INEOS Grenadiers) op 44s
5. flag-be Yves Lampaert (Deceuninck-Quick-Step) op 1m16s


Parcours

Het parcours van Parijs-Roubaix 2022 is nagenoeg identiek aan dat van vorig jaar. Organisator ASO houdt bij de mannen vaast aan het 257 kilometer lange parcours met bijna 55 kilometer aan kasseien. Beter gezegd: in totaal gaat het om dertig onverharde sectoren, die bij elkaar goed zijn voor 54,8 kilometer aan kasseien. Dat is 300 meter meer dan in oktober; de wijziging is aangebracht in buurt van Cambrésis, vroeg in de race. De start van de Hel van het Noorden is zoals de laatste jaren in Compiègne en de finish ligt traditiegetrouw op de wielerbaan van Roubaix.

De eerste honderd kilometer zijn over louter asfaltwegen, want pas na 96 kilometer doemen de eerste kasseien op. Het gaat om de driesterrenstrook van Troisvilles naar Inchy. Zoals altijd zijn de kasseistroken genummerd van hoog naar laag. Zo is de strook in Troivilles secteur 30 en volgen daarna al rap stroken 29, 28 en 27. Omdat wordt vastgehouden aan het traject van afgelopen najaar, gaat het parcours na Saint-Python opnieuw in noordelijke richting naar Haussy en daarna naar de korte strook van Haussy naar Saint-Martin-sur-Écaillon.

Vervolgens is het uitkijken naar het Bos van Wallers, in het Frans Trouée d’Arenberg genoemd. Deze 2,3 kilometer lange strook is een icoon in Parijs-Roubaix, heeft de grootste moeilijkheid meegekregen (vijf sterren) en opent de finale op ruim 95 kilometer van de finish. Daarna wachten nog eens achttien kasseistroken, waarvan twee met vijf sterren. Dat zijn op 50 kilometer van de finish Mons-en-Pévèle en in volle finale Carrefour de l’Arbre, zo’n 17 kilometer voor de wielerbaan. Dit zijn de zwaarste stroken, maar meer dan eens zal het vooral de opeenvolging zijn van stroken die in de benen gaat zitten bij de renners.

In de RIDE Seizoensgids lees je een uitgebreide reportage met Adrie van der Poel in de hoofdrol. We volgden hem op de dag van de voorbije Parijs-Roubaix. Daarbij sprak Adrie, zelf derde in 1986, zich uit over de moeilijkheid van de kasseistroken. “Het Bos van Wallers is an sich niet heel moeilijk. Hij is lastig, omdat ze er zo hard overheen rijden. Wat je daar kwijt bent, ben je kwijt”, vertelde hij.

“Zelden komt er iemand terug die daar achteropraakt. Mons-en-Pévèle vond ik altijd moeilijk. Die loopt op een gegeven moment heel gemeen valsplat op. Dat weegt door, omdat er daarna nog maar 45 kilometers volgen. Carrefour de l’Arbre vind ik ook wel meevallen, zeker na de bochtjes als je op dat lange stuk naar het café rijdt. Die strook is vooral zo zwaar omdat-ie zo diep in de finale ligt.”

Carrefour de l’Arbre was in oktober 2021 een waar slagveld – foto: Cor Vos

Vanaf het Carrefour de l’Arbre gaat de route over de laatste stroken van de dag, die van Gruson, Hem en Roubaix, naar de prestigieuze finish op de wielerbaan van de Vélodrome de Roubaix. Daar draaien de renners op ruim 500 meter van de finish op, wat betekent dat ze anderhalve ronde rijden op de Vélodrome. De historische bel zal klinken voor de laatste ronde, waarna mogelijk gesprint gaat worden om de overwinning.

En ook interessant: later dit jaar trekt de Tour de France over de kasseien in Noord-Frankrijk. In totaal zijn tijdens de vijfde etappe van de Tour elf kasseistroken opgenomen, goed voor 19,4 kilometer aan kasseien. Drie van die kasseienstroken zijn ook opgenomen in Parijs-Roubaix 2022: Hornaing à Wandignies (sector 17), Warlaing à Brillon (sector 16) en Tilloy à Sars-et-Rosières (sector 15).

Zondag 17 april, Parijs-Roubaix: Compiègne – Roubaix (257 km)
Officieuze start: 11.00 uur
Officiële start: 11.15 uur
Finish: tussen 17.05 en 17.40 uur

Alle kasseistroken van Parijs-Roubaix 2022

30. Troisvilles à Inchy (nog 161,4 km) 2.200m – ***
29. Viesly à Quiévy (nog 154,9 km) 1.800m – ***
28. Quiévy à Saint-Python (nog 152,3 km) 3.700m – ****
27. Saint-Python (nog 147,6 km) 1.500m – **
26. Haussy à Saint-Martin-sur-Écaillon (nog 141,1 km) 800m – **
25. Saint-Martin-sur-Écaillon à Vertain (nog 136,8 km) 2.300m – ***
24. Capelle à Ruesnes (nog 130,4 km) 1.700m – ***
23. Artres à Quérénaing (nog 121,4 km) 1.300m – **
22. Quérénaing à Maing (nog 119,6 km) 2.500m – ***
21. Maing à Monchaux-sur-Écaillon (nog 116,5 km) 1.600m – ***

20. Haveluy à Wallers (nog 103,5 km) 2.500m – ****
19. Trouée d’Arenberg (nog 95,3 km) 2.300m – *****
18. Wallers à Hélesmes (nog 89,3 km) 1.600m – ***
17. Hornaing à Wandignies (nog 82,5 km) 3.700m – ****
16. Warlaing à Brillon (nog 75 km) 2.400m – ***
15. Tilloy à Sars-et-Rosières (nog 71,5 km) 2.400m – ****
14. Beuvry à Orchies (nog 65,2 km) 1.400m – ***
13. Orchies (nog 60,2 km) 1.700m – ***
12. Auchy à Bersée (nog 54,1 km) 2.700m – ****
11. Mons-en-Pévèle (nog 48,6 km) 3.000m – *****

10. Mérignies à Avelin (nog 42,6 km) 700m – **
9. Pont-Thibault à Ennevelin (nog 39,2 km) 1.400m – ***
8. Templeuve (L’Épinette) (nog 33,8 km) 200m – *
8. Templeuve (Moulin-de-Vertain) (nog 33,3 km) 500m – **
7. Cysoing à Bourghelles (nog 26,9 km) 1.300m – ***
6. Bourghelles à Wannehain (nog 24,4 km) 1.100m – ***
5. Camphin-en-Pévèle (nog 19,9 km) 1.800m – ****
4. Carrefour de l’Arbre (nog 17,2 km) 2.100m – *****
3. Gruson (nog 14,9 km) 1.100m – **
2. Willems à Hem (nog 8,2 km) 1.400m – ***
1. Roubaix (Espace Charles Crupelandt) (nog 1,4 km) 300m – *


Favorieten

Naast de achttien WorldTeams is een zevental ProTeams uitgenodigd voor deze editie van Parijs-Roubaix. Alpecin-Fenix, Arkéa Samsic en TotalEnergies kregen automatisch een wildcard en daar zijn B&B Hotels-KTM, Bingoal Pauwels Sauces-WB, Sport Vlaanderen-Baloise en Uno-X nog aan toegevoegd door organisator ASO. Opvallend is dat Sport Vlaanderen-Baloise voor het eerst sinds 2017 weer welkom is in Noord-Frankrijk.

Bij de favorieten kijken we uiteraard meteen naar de titelverdediger, maar Sonny Colbrelli heeft nu wel andere dingen aan zijn hoofd. De ijzersterke Italiaan en regerend Europees kampioen is herstellende van een hartritmestoornis die leidde tot een hartstilstand. Dat gebeurde allemaal na de openingsrit in de Ronde van Catalonië. Inmiddels is Colbrelli weer thuis. Hij heeft een succesvolle ingreep ondergaan waarbij een onderhuidse defibrillator werd geïmplanteerd. Thuis zal hij toekijken wie hem zal opvolgen als winnaar van Parijs-Roubaix.

Matej Mohorič – foto: Cor Vos

Bahrain Victorious heeft een ploeg die in de breedte sterk is, maar tot de topfavorieten behoren die renners niet. Toch moet er rekening gehouden worden met Milaan-San Remo-winnaar Matej Mohorič, hardrijder Jan Tratnik en de ervaren Heinrich Haussler. De Australiër eindigde al drie keer in de top-10 in Roubaix. Mohorič kent dan weer een uitstekend voorjaar, met ook een vierde plaats in de E3 Saxo Bank Classic en een negende plaats in Gent-Wevelgem. Toch lijkt Parijs-Roubaix niet op het lijf geschreven van de Sloveense kampioen.

Bij afwezigheid van de winnaar van 2021, kijken we ook even naar de nummer twee. Florian Vermeersch van Lotto Soudal rijdt echter een ongelukkig voorjaar. De 23-jarige Belg heeft zijn prestatie uit het voorbije najaar nog niet kunnen bevestigen en lijkt dus ook kansloos voor de zege dit jaar. Of hij zal moeten anticiperen, net zoals vorig seizoen. Binnen Lotto Soudal lijkt Victor Campenaerts een grotere kans te maken. Op de grote plaat kan VocSnor uitstekend uit de voeten op de zware stroken, maar veel ervaring met koersen in Roubaix heeft hij nog niet. Vorig jaar haalde Campenaerts, net als vele anderen, de finish niet. Een nadeel is dat zijn techniek nogal eens wat te wensen overlaat, toch cruciaal onderdeel in dit monument.

Mathieu van der Poel – foto: Cor Vos

Wie is dan wel de topfavoriet? Dat is uiteraard Mathieu van der Poel. De kopman van Alpecin-Fenix eindigde vorig jaar bij zijn debuut als derde en hij verkeert in topvorm. Maar in de 197 dagen tussen de edities van 2021 en 2022 is veel gebeurd. Heel veel. Een slepende rugblessure is ondertussen achter de rug en sindsdien rijgt MVDP de ereplaatsen aan elkaar. Derde in Milaan-San Remo, ritwinst in Coppi e Bartali, winst in Dwars door Vlaanderen, winst in de Ronde van Vlaanderen en vierde in de Amstel Gold Race.

In de Limburgse heuvels kwam Van der Poel weliswaar iets minder voor de dag, maar dat zegt niet veel richting Parijs-Roubaix. “Want dat is natuurlijk een heel andere koers. Ik weet dat de vorm nog niet weg is en dat ik zo moet blijven doordoen. Ik heb nog een week om te herstellen en daar naartoe te werken. Hopelijk heb ik dan weer een superdag”, vertelde Van der Poel na de Amstel Gold Race. Zijn ploeg rond hem bestaat onder meer uit crossers Gianni Vermeersch en Tim Merlier en de nummer twee van 2018, Silvan Dillier.

Stefan Küng – foto: Cor Vos

Het voorjaar van Stefan Küng is zeer indrukwekkend. Dat de 28-jarige Zwitser uitstekend kan tijdrijden, wisten we al. Maar dit voorjaar bevestigt hij op bijna alle terreinen. Küng maakt de koers hard, schuift op de juiste momenten mee en rijdt ook goede resultaten. Zo werd hij derde in de E3 Harelbeke, zesde in Dwars door Vlaanderen, vijfde in de Ronde van Vlaanderen en achtste in de heuvels van de Amstel Gold Race. En dan lijkt Parijs-Roubaix hem nog beter te moeten passen. Het wordt voor King Küng zijn zevende deelname; zijn beste uitslag was een elfde plek in 2019. Met zijn fysieke gestalte en kwaliteiten als rouleur, lijkt Roubaix op zijn Zwitserse lijf geschreven.

Wat te denken van Alexander Kristoff. De inmiddels 34-jarige Noor lijkt herboren bij Intermarché-Wanty-Gobert en bekroonde dat onlangs met een solozege in de Scheldeprijs. Nu moeten we bekennen dat dat een wedstrijd van een ander niveau is, maar het toont wel aan dat de vorm van Kristoff goed is. Ook werd hij al tiende in de Ronde van Vlaanderen en elfde in Gent-Wevelgem. Een droge Parijs-Roubaix lijkt ideaal voor de Beer van Stavanger, die in 2013 en 2015 al in de top-10 eindigde. Daarna lukte dat niet meer. Wil Kristoff winnen, dan moet het koersverloop wel meezitten. Al bewees hij in Schoten dat het niet meer per se van een sprint moet komen.

Alexander Kristoff – foto: Cor Vos

Het voorjaar van Quick-Step-Alpha Vinyl is niet om over naar huis te schrijven. Alles behalve zelfs. De ploeg van manager Patrick Lefevere maakt jaarlijks een groot doel van Parijs-Roubaix en dit jaar misschien meer dan ooit. Een goede uitslag kan het kasseienvoorjaar redden. Het zal vooral moeten komen van Kasper Asgreen, die afgelopen week zesde werd in de Amstel Gold Race. De Deen is de enige van The Wolfpack die deze klassiekerreeks enigszins zijn niveau haalt. Ook van Yves Lampaert weten we dat hij die kassei maar wat graag zal willen ontvangen.

Vorig jaar was Lampaert ‘best of the rest’ door naar een vijfde plaats te sprinten. In 2019 werd hij ook al eens derde, dus het zit er zeker in. Maar hoe is het met de vorm? Dat is ook de grote vraag voor Davide Ballerini, Zdeněk Štybar en Florian Sénéchal. Normaal gesproken behoren zij tot The Wolfpack die heerst in koersen als Parijs-Roubaix, maar in dit kwakkelvoorjaar wil het maar niet lukken. De Fransman rijdt overigens wel door zijn eigen streek heen; hij werd tussen de Noord-Franse kasseien grootgebracht.

Kasper Asgreen – foto: Cor Vos

Wat dat betreft straalt het blok van INEOS Grenadiers meer vertrouwen uit, en dat is terecht. De kern van de Britse klassieke kern is gebouwd rond Dylan van Baarle, de nummer twee van de Ronde van Vlaanderen. De Nederlander reed nog nooit top-10 in Parijs-Roubaix, maar wel al drie keer bij de beste twintig. Weet Van Baarle te bevestigen? Ook Amstel Gold Race-winnaar Michał Kwiatkowski is van de partij, maar de Pool kwam pas in 2021 voor het eerst aan het vertrek. De wereldkampioen van 2014 kwam toen niet verder dan een zeventigste plek.

Maar INEOS Grenadiers heeft nog een konijn in de hoge hoed: Filippo Ganna. De Italiaanse wereldkampioen tijdrijden heeft zich op een bijzondere wijze klaargestoomd voor Roubaix. In twee eerdere deelnames behaalde hij een DNF en een OTL, maar nu wordt hij gerekend tot de kanshebbers. Mogelijk speelt de finale op de wielerbaan, waar Ganna ook al meerdere wereldtitels won, in zijn voordeel. En wat met Ben Turner? De 22-jarige neoprof maakte in de Amstel Gold Race en de Brabantse Pijl veel indruk – net als in de klassiekers daarvoor, overigens – en is gemaakt voor wedstrijden als deze. Mogelijk is het nog wat te vroeg voor Turner, maar hij mag ons verbazen.

Trek-Segafredo trekt met twee kopmannen naar Compiègne. En dan weten de volgers dat we het hebben over Mads Pedersen en Jasper Stuyven. Op een goede dag behoren zij allebei tot de beste tien renners in koers, maar de Deen en de Belg zijn dit seizoen opnieuw erg wisselvallig in de voorjaarskoersen. Pedersen moet dit zeker aan kunnen,  maar tot op heden lukte het hem niet om een goede uitslag te rijden. Een droge editie zal in zijn voordeel zijn en bij een sprint moet zeker rekening met hem gehouden worden.

De Deen heeft zijn hele voorjaar afgestemd op deze koers, waarin hij een aantal bewuste keuzes maakte. Of dat goede afwegingen zijn geweest, zullen we zondag weten. Wat wel in het nadeel van hem spreekt, is dat hij niet zo goed tegen warme omstandigheden kan. Daar heeft het zondag toch alle schijn van. Als we kijken naar ervaring is Stuyven trouwens de belangrijkste kandidaat bij de Amerikaanse ploeg, want hij werd al eens vierde (2017) en vijfde (2018).

Stuyven en Pedersen – foto: Cor Vos

Staan er dan nog oud-winnaars aan de start? Zeker, met bijvoorbeeld John Degenkolb bij Team DSM. Maar een reden om hem naar voren te schuiven als kanshebber, is er niet. Dit seizoen behaalde Degenkobl nog niet een top-10-notering. AG2R Citroën herbergt met Greg Van Avermaet een oud-winnaar, maar hij kwakkelt met zijn vorm. Van Avermaet is nooit slecht, maar er is ook altijd iemand beter. De Franse ploeg rekent ook op Oliver Naesen, die vaak net buiten de top-10 is gevallen in Roubaix, en Stan Dewulf.

Jumbo-Visma is nog niet eens aan de orde geweest. Drie weken terug hadden we Wout van Aert naar voren geschoven als favoriet, maar er is veel gebeurd de afgelopen weken. Een coronabesmetting houdt hem al sinds de Ronde van Vlaanderen aan de kant, maar hij traint ondertussen wel weer in Spanje. Donderdag zal Jumbo-Visma een besluit nemen over zijn deelname, maar de vraag is of Van Aert dan in de juiste vorm is om te winnen. Er werd al gesproken over een deelname ‘in dienst van’ de andere kopmannen. Maar wat ook geldt: als Van Aert start, kan hij ook winnen.

Toch moeten we serieus rekening houden met de afwezigheid van Van Aert, zoals hij ook in de Ronde van Vlaanderen en de Amstel Gold Race ontbrak. Geen Tiesj Benoot bij Jumbo-Visma, want hij rijdt komende week de Waalse Pijl en Luik. Wel Christophe Laporte, de nummer zes van vorig jaar in Parijs-Roubaix. Mede daarom besloot Jumbo-Visma om de Fransman aan te trekken. Laporte kan over kasseien rijden en profiteren van zijn sprint. Zal hij weten dat hij in de voetsporen kan treden van Frédéric Guesdon, in 1997 de laatste Franse winnaar van Parijs-Roubaix? Houd ook rekening met hardrijder Nathan Van Hooydonck en Mike Teunissen, die ooit Parijs-Roubaix voor beloften won.

Christophe Laporte (links) met Wout van Aert – foto: Cor Vos

Dan zijn er nog wat outsiders die op een superdag een rol van betekenis kunnen spelen. Zo sukkelt Sep Vanmarcke (Israel-Premier Tech) al het hele voorjaar met zijn vorm, maar hoopt hij in Parijs-Roubaix nog te kunnen pieken. En van Vanmarcke is bekend dat hij een van de beste kasseicoureurs is in het peloton, zeker wanneer ze droog liggen. Iván Garcia (Movistar) zal bij zijn Spaanse ploeg uitgespeeld worden en hij heeft de ervaren Imanol Ervini, ooit eens negende in Roubaix, in dienst. Matteo Trentin zal de ploeg van UAE Emirates aanvoeren.

Ook is er een groep met renners die van een vroege vlucht of een geanticipeerde ontsnapping kunnen profiteren. Er is namelijk altijd wel een aanvaller die zijn inspanning tot diep in de finale vol weet te houden. We kijken dan naar namen als Rasmus Tiller (Uno-X), Valentin Madouas (Groupama-FDJ), Daniel Oss, Anthony Turgis, Niki Terpstra (TotalEnergies), Taco van der Hoorn (Intermarché-Wanty-Gobert), Nils Politt, Marco Haller (BORA-hansgrohe), Hugo Hofstetter (Arkéa-Samsic), Sebastian Langeveld, Stefan Bissegger (EF Education-EasyPost), Michael Matthews en Luka Mezgec (BikeExchange-Jayco).


Favorieten volgens WielerFlits
**** Mathieu van der Poel
*** Stefan Küng, Christophe Laporte
** Alexander Kristoff, Mads Pedersen, Dylan van Baarle
* Kasper Asgreen, Filippo Ganna, Jasper Stuyven, Ben Turner

Website organisatie
Deelnemerslijst (WielerFlits)


Weer en TV

De deelnemers van Parijs-Roubaix staat komend weekend een warme en droge koers te wachten, meldt Weeronline. Dit geldt zowel voor de vrouwen als de mannen. Tijdens de start is het in de regio van Parijs al lenteachtig met een temperatuur van zo’n 15 graden Celsius. Tijdens de rit stijgt de temperatuur naar 19 à 20 graden. Dat is fijn voor de toeschouwers en niet te warm voor de deelnemers. Er zijn zonnige perioden met ook wat hoge bewolking. Daarbij staat slechts een matige zuidoostenwind.

De kasseienstroken blijven dit jaar dus droog. Dat was vorig jaar wel anders, toen er op 2 en 3 oktober perioden met regen waren en de renners hadden te kampen met modder en gladde stenen. Daarbij was het ook een aantal graden kouder.

De tv-uitzending van Parijs-Roubaix begint op Eurosport 1, de online Player en GCN+ al om 10.30 uur. Sporza op Eén komt om 13.30 uur voor het eerst met de live-beelden uit de Helleklassieker. Ook de NOS zendt Parijs-Roubaix live uit. Vanaf 13.10 uur zijn er beelden via de online kanalen en ook in de middaguitzending op NPO1 worden vanaf dan beelden getoond.

Kun je de koers niet live kijken? Geen probleem: volg Parijs-Roubaix dan via het liveblog van WielerFlits.




Lees verder op Wielerflits.nl

Deel dit nieuws :