Voorbeschouwing: Luik-Bastenaken-Luik 2022 | WielerFlits

Artikel van Wielerflits:Youri IJnsen

Zondag 24 april 2022 komt het eerste deel van het wielerseizoen alweer ten einde met het verrijden van Luik-Bastenaken-Luik. Het vierde en laatste monument van het wielervoorjaar geldt misschien wel als de zwaarste van allemaal. ‘Kleintjes’ winnen LBL vrijwel nooit, een enkeling daargelaten. Wie voegt zich dit jaar bij het rijtje met toprenners die hier ooit victorie kraaiden? WielerFlits blikt vooruit!

“Renners die winnen in Luik, zijn wat we in Italië noemen fondisti – mannen met een superieur uithoudingsvermogen. De beklimming van La Redoute is als de Muur van Hoei: je moet daar op tempo naar boven aan de voorzijde van het peloton. Het stijgingspercentage ligt tussen de 14 en 15% en het ligt na 220 of 230 kilometer. Je hoeft geen genie te zijn om te bedenken hoe zwaar dat is. Veel renners maken de fout door te denken dat je moet aanvallen op het moeilijkste deel van La Redoute, maar in de realiteit doe je mensen het meeste pijn als je versnelt op de iets vlakkere sectie die daarna komt.

[…]

Luik is het schoolvoorbeeld van een koers van de uitputtingsslag. Het is onwaarschijnlijk dat een vlucht, die weggereden is voor de laatste honderd kilometer van de wedstrijd, standhoudt en de koers bepaalt. Je moet sterk zijn, maar tegelijkertijd slim en berekenend. In die zin is Luik-Bastenaken-Luik de complete test voor de kwaliteiten van een renner.”

Was getekend: Moreno Argentin in ProCycling, 2001. De Italiaanse klassiekerspecialist voerde die koerswijze in LBL vier keer (1985, 1986, 1987 en 1991) tot in perfectie toe.

Moreno Argentin als wereldkampioen bij zijn derde zege in 1987 – foto: Cor Vos


Historie

De moeder der klassiekers is het niet, want dat is Milaan-Turijn (1876). Maar Luik-Bastenaken-Luik pretendeert wél het oudste monument te zijn. Die strijd wint ze net van Parijs-Roubaix, mits we ook de amateurwedstrijden sedert 1892 meetellen. De wedstrijd werd namelijk pas in 1908 toegankelijk voor profwielrenners, terwijl dat in de Hel van het Noorden al in tijdens de eerste editie in 1896 mogelijk was. Maar omdat de organisatie dus 1892 als geboortejaar ziet, geldt Luik-Bastenaken-Luik als het oudste monument op de wielerkalender. Daar dankt ze ook haar bijnaam aan. La Doyenne betekent de oude dame.

Zoals wel bij meer koersen het geval is, werd ook deze wedstrijd opgericht door een krant. Het Frans-Belgische l’Express staat aan de wieg van La Doyenne, dat tijdens de eerste drie edities anders heette: Spa-Bastenaken-Spa. Daarbij werd het treinstation van Bastenaken als keerpunt aangeduid, omdat dit voor deelnemers en organisatie herkenbaar was. De eerste editie werd gewonnen door Léon Houa uit Luik. Hij zou ook de twee edities daarna winnen, waarmee de Waal nog altijd op een gedeelde derde plaats staat wat betreft het record met de meeste zeges. Houa kroonde zich in 1894 ook tot de eerste Belgisch kampioen op de weg.

Een van de renners die Luik in de jaren 50 twee keer won: Ferdi Kubler – foto: Cor Vos

De eerste profeditie vond uiteindelijk plaats in 1908. Deze werd gewonnen door de Fransman André Trousselier, wiens broer Louis drie jaar daarvoor de derde Tour de France ooit had gewonnen. Behoudens in 1910 en de oorlogsjaren 1914-1918, 1940-1942 en 1944, vond Luik-Bastenaken-Luik altijd plaats. In het Interbellum tussen de beide wereldoorlogen nestelde Alfons Schepers zich met zeges (1929, 1931 en 1935) naast Houa als recordhouder. De editie in 1943 ging – aangemoedigd door de Duitse bezetter – ‘gewoon’ door. Richard Depooter won die editie. Vijf jaar later kwam hij om het leven in de Ronde van Zwitserland.

Bekende namen uit die tijd die zegevierden in Luik, waren tweevoudig wereldkampioen Georges Ronsse (1925) en Alfons Deloor (1938), de drie jaar oudere broer van Gustaf. Die won in 1935 de allereerste Vuelta a España. Meer bekende winnaars zien we na de Tweede Wereldoorlog. Denk aan Ferdi Kübler (die zelfs twee keer wint), de kort daarna betreurde Stan Ockers (dat zelfs leidde tot nationale rouw in België) en Fred De Bruyne. Die laatste won zelfs drie keer (1956, 1958 en 1959), in jaren dat hij ook zegevierde in Milaan-San Remo, Parijs-Roubaix, de Ronde van Vlaanderen, alsmede ritten in de Ronde van Frankrijk.

Fred De Bruyne (rechts) in een derde leven als ploegleider, hier naast Hennie Kuiper – foto: Cor Vos

Na zijn carrière werd De Bruyne ook een zeer succesvol journalist voor de BRT, maar in 1977 werd zijn contract niet meer verlengd. Hij bleef in de wielrennerij betrokken, want hij ging met succes als ploegleider bij DAF Trucks aan de gang. Ook de editie van 1957 lichten we uit, die editie kende twee winnaars. In een ijskoude editie op 5 mei van dat jaar won vroege vluchter Germain Derycke. Onderweg was de kopgroep echter een spoorwegovergang over gegaan en dat was in België verboden. Hans Schoubben won achter Derycke de sprint van de favorieten, kreeg lucht van het vergrijp en tekende protest aan. Vanwege de embarmelijke sneeuw-omstandigheden, besloot de organisatie Derycke én Schoubben als winnaar uit te roepen.

Later wonnen vrijwel alle groten uit de wielersport deze klassieker. Eddy Merckx is met vijf zeges nog altijd recordhouder, al kwamen Moreno Argentin en meer recentelijk Alejandro Valverde (vier overwinningen) dichtbij. Maar ook Rik Van Looy, Jacques Anquetil, Walter Godefroot, Roger De Vlaeminck, Bernard Hinault (twee keer), Steven Rooks, Seán Kelly (twee keer), Adrie van der Poel, Eric Van Lancker, Dirk De Wolf, Rolf Sørensen, Mauro Gianetti, Michele Bartoli, Frank Vandenbroucke, Paolo Bettini, Tyler Hamilton, Davide Rebellin, Aleksandr Vinokourov (twee keer, waarvan hij er eentje kocht), Danilo Di Luca, Andy Schleck, Dan Martin, Bob Jungels, Jakub Fuglsang en Primož Roglič sieren het omvangrijke palmares.

Adrie van der Poel wint Luik-Bastenaken-Luik 1988

Adrie van der Poel viert zijn zege in Luik-Bastenaken-Luik 1988 – foto: Cor Vos

De laatste Nederlander won zes jaar geleden, toen Wout Poels met drie anderen wegreed op de Côte de la Rue Naniot. Hij versnelde na de klim van kop af aan en kon zijn medevluchters in de slotmeters naar de streep afhouden. De laatste Belgische zege staat op naam van Philippe Gilbert, die in zijn wonderjaar 2011 quasi-onverslaanbaar was. Hij troefde in de laatste rechte lijn de gebroeders Fränk en Andy Schleck af. Toen was de finish nog gelegen in de Luikse voorstad Ans, sinds de editie van 2019 is dat opnieuw in Luik zelf.

Laatste tien winnaars Luik-Bastenaken-Luik
2021: flag-si Tadej Pogačar
2020: flag-si Primož Roglič
2019: flag-dk Jakob Fuglsang
2018: flag-lu Bob Jungels
2017: flag-es Alejandro Valverde
2016: flag-nl Wout Poels
2015: flag-es Alejandro Valverde
2014: flag-au Simon Gerrans
2013: flag-ie Daniel Martin
2012: flag-kz Maxim Iglinsky


Vorige editie

In de editie van vorig jaar kleurde een kopgroep van zeven renners de eerste helft van de koers. Ze kregen liefst elf minuten voorsprong van het peloton, dat geleid werd door Deceuninck-Quick-Step, Jumbo-Visma, Movistar, UAE Emirates en Israel Start-Up Nation. Na diverse schermutselingen zetten jonkies Harm Vanhoucke, Mark Padun en Mark Donovan op de flanken van de Col du Rosier de achtervolging op de zeven vroege vluchters in.

In het peloton nam INEOS Grenadiers het commando over, waarna de achterdeur wagenwijd openstond. Het trio Vanhoucke, Padun en Donovan was er toen snel aan voor de moeite. Op de Côte de Forges trokken de Britten het zwikje weer op een lint, waarna enkel de topfavorieten overbleven. Richard Carapaz koos daarna zijn moment en hij leek met een mooie kloof naar de slotklim van de dag te rijden, Roche-aux-Faucons.

Daar reed Davide Formolo in dienst van Tadej Pogačar het gat naar de Ecuadoraan dicht. Michael Woods versnelde daarna en daarop hadden alleen de Sloveen, Julian Alaphilippe, David Gaudu en Alejandro Valverde een antwoord. De vijf bleven samen, waarna ze de Spanjaard op kop dwongen om de sprint aan te gaan. Daarin trok Pogačar overtuigend aan het langste eind.

Het podium van Luik-Bastenaken-Luik 2021 – foto: Cor Vos

Uitslag Luik-Bastenaken-Luik 2021
1. flag-si Tadej Pogačar (UAE Emirates) in 6u39m26s
2. flag-fr Julian Alaphilippe (Deceuninck-Quick-Step) z.t.
3. flag-fr David Gaudu (Groupama-FDJ) z.t.
4. flag-es Alejandro Valverde (Movistar) z.t.
5. flag-ca Michael Woods (Israel Start-Up Nation) z.t.

7. flag-be Tiesj Benoot (Team DSM) +7s
8. flag-nl Bauke Mollema (Trek-Segafredo) z.t.
Volledig verslag + uitslag


Parcours

Het parcours van Luik-Bastenaken-Luik kent weinig verrassingen voor de renners. Toch beginnen ze meteen met een van de grote veranderingen. Wegens werkzaamheden is de start dit jaar niet traditiegetrouw op het Place-Saint Lambert in Luik, maar even verderop in de Quai des Ardennes. Daar keren de renners 257,1 kilometer later ook terug voor de finish.

Ondanks de vele hellende wegen in de eerste honderd kilometer, gaan die behoudens de neutralisatie over exact dezelfde wegen als vorig jaar. De eerste twee uren zijn daarom ideaal voor vroege vluchters, die tot in Bastenaken hun voorsprong kunnen uitdiepen.

De eerste (Côte de la Roche-en-Ardenne) van tien gecategoriseerde beklimmingen hebben de renners dan al gehad. Na ruim 124 kilometer volgt met de Côte de Saint-Roch een tweede helling. Deze is bijna tweederde korter dan de eerste helling, maar wel bijna twee keer zo steil. Maar ook de Saint-Roch zal niet wedstrijdbepalend zijn. De grote tenoren zullen pas in actie schieten zodra ze Vielsalm op het plaatsnaambordje zien staan. Na bijna 157 kilometer koers zullen ze daar aankomen. Zo’n tien kilometer verderop ligt de voet van de Côte de Mont-le-Soie, die een beslissende fase in La Doyenne inluidt. Hier begint de voorfinale.

Na die helling krijgen we namelijk in rap tempo de opeenvolging van vijf bekende beklimmingen uit dit monument. In een tijdsbestek van nog geen veertig kilometer liggen achtereenvolgens de Côte de Wanne (3,6 km aan 5,1%, na 176,2 kilometer), de Côte de Stockeu (1 km aan 12,5%, na 182,8 kilometer), de Côte de la Haute-Levée (2,2 km aan 7,5%, na 187 kilometer), de Col du Rosier (4,4 km aan 5,9%, na 201,2 kilometer) en de Côte de Desnié (1,6 km aan 8,1%, na 214,6 kilometer). In deze fase zal de vlucht waarschijnlijk terugvallen in een eerste elitegroep en zullen de eerste aanvallen volgen.

Iconisch in Luik en ver daarbuiten: La Redoute – foto: Cor Vos

Een bekend wielergezegde past goed in deze enorm lastige kilometers: je kunt de koers er niet winnen, maar wel verliezen. Na de Desnié kruist het peloton zich via een uitloper en een snelle afdaling met de weg die ze in de beginfase gereden hebben in de richting van Bastenaken. Wie toen naar rechts had gekeken, had de befaamde Côte de la Redoute (2,1 km aan 8,9%, na 227,7 kilometer) al zien liggen. Ook dit jaar is deze zware helling de scherprechter van La Doyenne. Na La Redoute is het nog een kleine dertig kilometer tot aan de finish in Luik, waardoor we dan dus kunnen spreken over het aanbreken van de finale.

De tweede grote verandering is dat er na de Redoute slechts nog één beklimming volgt. Vorig jaar zat daar de Côte de Forges nog voor, maar die is door de overstromingen van vorige zomer nu geschrapt uit het parcours. Die ene beklimming is er echter eentje op papier, want vanuit Sprimont wacht ook nog de ongecategoriseerde Côte de Hornay (1 km aan 6,1%, op 24 kilometer voor het einde).

In het diepe slot van de wedstrijd kun je daar nog compleet parkeren. De favorieten voor de zege zullen dan achter al met argusogen naar de Côte de la Roche-aux-Faucons (1,3 kilometer aan 11%) uitkijken. Die helling kennen we beter als de Valkenrots, waarvan de top zich op dik dertien kilometer voor de streep bevindt.

Wie denkt dat het klimwerk er dan op zit, komt bedrogen uit de hoek. Na een korte afdaling krijgen de renners vanuit Méry nog een heel vervelende uitloper van de Valkenrots onder de wielen. Op soms slecht bollend beton moeten de coureurs daar nog uitschieters tot wel 10% wegtrappen. Vanuit Boncelles is het dan nog tien kilometer naar de streep, die op de brede baan in de Quai des Ardennes ligt. Hier is er ruimte genoeg voor een sprint met een kleine groep, zoals we die de laatste twee edities zagen. Wie wint?

Zondag 24 april, Luik-Bastenaken-Luik: Luik – Luik (257,1 km)
Afstand: 257,1 kilometer
Hoogtemeters: 4.256
Start: 10.15 uur
Finish: tussen 16.36 uur en 17.17 uur

Hellingen tijdens Luik-Bastenaken-Luik 2022

  • Côte de la Roche-en-Ardenne (2,8 km aan 6,2% / na 76,8 kilometer)
  • Côte de Saint-Roch (1 km aan 11,2% / na 124,1 kilometer)
  • Côte de Mont-le-Soie (1,7 km aan 7,9% / na 167,9 kilometer)
  • Côte de Wanne (3,6 km aan 5,1% / na 176,2 kilometer)
  • Côte de Stockeu (1 km aan 12,5% / na 182,8 kilometer)
  • Côte de la Haute-Levée (2,2 km aan 7,5% / na 187 kilometer)
  • Col du Rosier (4,4 km aan 5,9% / na 201,2 kilometer)
  • Côte de Desnié (1,6 km aan 8,1% / na 214,6 kilometer)
  • Côte de la Redoute (2,1 km aan 8,9% / na 227,7 kilometer)
  • Côte de la Roche-aux-Faucons (1,3 km aan 11% / na 243,8 kilometer)

Favorieten

Luik-Bastenaken-Luik winnen is alleen weggelegd voor de allergrootsten. Zeker na de eeuwwisseling wonnen er geen ‘kleintjes’ meer, met uitzondering van Maxim Iglinskiy. De Kazach was tien jaar geleden de beste, al won hij op het hoogste niveau meer wedstrijden – waaronder Strade Bianche in 2010.

Met het verplaatsen van de finale van Ans weer terug naar Luik, is de spanning in de wedstrijd toegenomen. Waar het voorheen wachten was op de laatste beklimming in de slotkilometer, zorgt de nieuwe slotfase voor meer spektakel. De laatste twee jaar bleef het zelfs spannend tot op de meet. Maar wat verwachten we nu?

Pogacar is ook een uitstekend eendagscoureur – foto: Cor Vos

De absolute topfavoriet voor zondag is de uittredend winnaar: Tadej Pogačar. De 23-jarige kopman van UAE Emirates is andermaal voortreffelijk aan het jaar begonnen. Hij won meteen de voor zijn ploeg uitermate belangrijke UAE Tour, om daar in maart ook Tirreno-Adriatico aan toe te voegen. Tussendoor had hij met een verbluffende solo van zo’n vijftig kilometer ook al Strade Bianche bijgeschreven op zijn riante palmares. Zeges bleven daarna uit, al was zijn reeks daarna opnieuw indrukwekkend: vijfde in Milaan-San Remo, als debutant tiende in Dwars door Vlaanderen en vierde in de Ronde van Vlaanderen.

In die laatste koers had hij bovendien op het podium kunnen eindigen, als hij in de sprint met winnaar Mathieu van der Poel beter had opgelet. In de Waalse Pijl van woensdag leek hij opnieuw met overschot rond te rijden, door zelfs op de steilste passages niet uit het zadel te komen. Maar de schijn bedroog, want het Sloveens wonderkind bleef hangen en zou uiteindelijk ‘pas’ als twaalfde eindigen. Pogačar heeft dus wat recht te zetten, maar net dan is de jongeling op zijn allersterkst. Hij kan zondag zowel solo als in een klein groepje winnen.

Met zijn klimcapaciteiten is Van Aert ook in Luik een topfavoriet – foto: Cor Vos

Zijn grote uitdager huist in de selectie van Jumbo-Visma. Dat is niet zijn landgenoot Primož Roglič, de winnaar van 2020. Hij blijft met – naar verluidt al weggenomen – knieklachten uit voorzorg weg uit La Doyenne. Dat is ook niet Jonas Vingegaard, die in de finale van de Waalse Pijl al op zo’n veertig kilometer voor het einde moest lossen. Wie dan wel? Niemand minder dan Wout van Aert. De 27-jarige Belgisch kampioen moest na een coronabesmetting passen voor de Ronde van Vlaanderen en de Amstel Gold Race, maar in Parijs-Roubaix liet hij zien dat zijn topvorm helemaal nog niet weg is. Zijn ploeg beweerde voor de koers anders.

Na zijn tweede plek in de Helleklassieker gaf Van Aert mee dat hij ook Luik-Bastenaken-Luik zal rijden. Intussen weten we dat de Belg dat niet voor de leuk erbij doet. Als WVA ergens start, dan is dat om te winnen. Wie meent dat LBL voor hem te zwaar is, zwijgt beter. In de Tour de France en op de Olympische Spelen heeft de Jumbo-Visma-kopman aangetoond zware beklimmingen aan te kunnen. In Frankrijk won hij nota bene een rit met daarin twee keer de Mont Ventoux.

De nieuwe finale in Luik ligt hem ook als gegoten. Als Mathieu van der Poel hier in 2020 al zesde kon worden, daags na zijn lange solo in de Benelux Tour, dan kan deze Van Aert in topvorm absoluut meedoen voor winst. Dat staat onomwonden vast.

Bijna 42 jaar oud, maar nog lang niet versleten: Valverde – foto: Cor Vos

De andere grote uitdager heet Alejandro Valverde. Hoewel de Spanjaard daags na Luik-Bastenaken-Luik zijn 42ste verjaardag viert, lijkt de kopman van Movistar een zoveelste wielerleven te hebben gevonden. Dit voorjaar rijdt hij namelijk weer enorm sterk in de rondte en in zijn huidige vorm mag je deze klasbak nooit uitsluiten. Sterker nog: heel even leek het erop dat hij woensdag voor een zesde keer de Waalse Pijl op zijn palmares zou schrijven. De koning van de Muur van Hoei verslikte zich echter in een beresterke Dylan Teuns, die een antwoordt had op de laatste versnelling van de ervaren toprenner.

Valverde lijkt dit voorjaar (waarin hij ook al tweede werd in Strade Bianche) toch weer beter te zijn dan vorig jaar, toen hij desondanks ook al de finale van Luik-Bastenaken-Luik kleurde. Normaal gesproken doet hij dit jaar voor het laatst mee, want eind 2022 heeft hij zijn afscheid aangekondigd. Om zijn uitzwaaironde van wat extra cachet te voorzien, zou een nieuwe overwinning in La Doyenne hem mede recordhouder maken. Bij een vijfde overwinning komt El Imbatido dan op gelijke hoogte met de beste wielrenner aller tijden, Eddy Merckx. Met ploegmaat Enric Mas heeft hij een ideale meesterknecht bij zich.

Verrassend de beste in de Waalse Pijl – foto: Cor Vos

Hij passeerde net bij Valverde al even de revue, maar schrijf voor zondag ook Dylan Teuns maar op. Vaak was hij in het voorjaar goed in Vlaanderen, om dan in de Ardennen net iets minder voor de dag te komen. Gek genoeg, want de 30-jarige Belg heeft daar in potentie veel meer aanleg voor. Woensdag maakte hij achter korte metten met die statistieken, door verschroeiend hard uit te halen op de Muur van Hoei tijdens de Waalse Pijl. Met zijn versnelling gaf hij iedereen het nakijken, waaronder dus de Spaanse koning en recordhouder. Na afloop gaf Teuns aan dat hij zich nog nooit zo sterk heeft gevoeld.

Zondag zal hij dan ook de kopman zijn bij Bahrain Victorious. Na een zesde plek in de Ronde van Vlaanderen, een tiende plaats in de Amstel Gold Race en een zesde plek in de Brabantse Pijl, zat die zege in de Waalse Pijl er al een tijdje aan te komen. Nu hij van die druk verlost is, kan hij in Luik misschien nog eens groots uitpakken. Met oud-winnaar Wout Poels heeft hij in ieder geval iemand in de ploeg die weet wat het is om te winnen, terwijl ook man in vorm Matej Mohorič van de partij is. Met andere woorden: Teuns is een van de drie troeven.

Cosnefroy nam in de Bretagne Classic 2021 de maat van Alaphilippe – foto: Cor Vos

Voor de Belg van Bahrain Victorious was de oude aankomst in Ans wellicht beter geweest. Wie wél heel blij met de nieuwe finale zal zijn, is Benoît Cosnefroy. De 26-jarige Fransman is dit voorjaar ook uitstekend op dreef. Hoewel hij vorig jaar al de in Frankrijk belangrijke Bretagne Classic-Ouest France won, hikt de kopman van AG2R Citroën echt tegen een grote klapper aan. Die was er al een paar minuten in de Amstel Gold Race, totdat de fotofinish uitwees dat niet hij maar Michał Kwiatkowski de winnaar bleek te zijn. Cosnefroy is echter een specialist in dit soort werk, getuige ook zijn derde plek op het afgelopen EK in Italië.

In de Waalse Pijl van woensdag kwam hij weliswaar niet verder dan een dertiende plek, maar twee jaar geleden was hij daar nog tweede. Net als Parijs-Tours van datzelfde jaar, overigens. Naast zijn tweede plek in de Amstel, werd hij vorige week woensdag ook al tweede in de Brabantse Pijl. Met de vorm van Cosnefroy zit het dus goed en hij is ook nooit te beroerd om aan te vallen. In een sprintje met een klein groepje is hij bovendien snel aan de meet. Met de klassiekertalenten Dorian Godon, Aurélien Paret-Peintre en – we zouden het bijna vergeten – de winnaar van LBL 2018 Bob Jungels, is hij ook nog sterk omringd.

Vlasov laat een goede indruk achter bij zijn nieuwe ploeg – foto: Cor Vos

BORA-hansgrohe heeft de start van het seizoen in de breedte een beetje gemist. De Duitse ploeg investeerde deze winter fors en dat is maar goed ook, want het komt daar voorlopig van twee nieuwe namen. Sergio Higuita won de Ronde van Catalonië en is met zijn explosiviteit ook gemaakt voor een koers als Luik-Bastenaken-Luik. De kleine Colombiaan reed na zijn overwinning echter geen koers meer uit en dus staat er een vraagteken achter zijn naam. We plaatsen echter ook een uitroepteken binnen dezelfde selectie voor La Doyenne. Aleksandr Vlasov is namelijk in bloedvorm en geldt zondag als kandidaat-winnaar.

De 25-jarige klimmer was al vierde in de UAE Tour, tweede in de GP Miguel Indurain en derde in respectievelijk de Ronde van het Baskenland én de Waalse Pijl. Met die laatste prestatie bevestigde Vlasov dat hij ook in De Oude Dame iets te zoeken heeft. Hij klimt heel sterk en daarnaast heeft hij voor een ronderenner ook best een vinnig sprintje in de benen na een harde wedstrijd. Uiteraard, stuur hem niet met mannen als Van Aert naar de streep. Maar Vlasov is nu net het type renner die misschien wél net tien meter te veel ruimte krijgt zondag.

Alaphilippe bijt zijn tanden stuk op de Muur van Huy – foto: Cor Vos

Zes favorieten gehad en nog geen Julian Alaphilippe. Kan dat wel? Ja. De Fransman won weliswaar een rit in de Ronde van het Baskenland, maar overtuigend was hij tot op heden allerminst. De wereldkampioen is namelijk nog niet zo flitsend geweest dit voorjaar. Dat begon al in de Drôme Classic, waar hij in de finale Cosnefroy en Guillaume Martin moest laten gaan in de strijd om de podiumplekken. In Strade Bianche kwam hij na een spectaculaire rit niet meer in het stuk voor, waarna hij ook in Tirreno-Adriatico onzichtbaar was. Na een hoogtestage hervatte hij de competitie dus in het Baskenland met winst.

En dus leek er niets aan de hand, want hij werd in die dagen erna ook nog twee keer tweede. Maar daar werd Alaphilippe wel geklopt door respectievelijk Pello Bilbao en Daniel Felipe Martínez, op aankomsten waar de Fransman normaal gesproken quasi-onklopbaar is. In de Waalse Pijl werd dat vermoeden dan bevestigd. Ondanks dat de wereldkampioen vierde werd, miste hij daar de flits die hij er de laatste jaren (drie keer winst, twee keer tweede) tentoonspreidde. Poets Alaphilippe echter nooit uit, want ook deze koers kan hij aan.

Als Evenepoel vertrekt, ga hem dan maar eens halen – foto: Cor Vos

Hij krijgt er bij Quick-Step Alpha Vinyl ook nog eens een meesterknecht van formaat bij. Niemand minder dan absoluut toptalent Remco Evenepoel vergezelt hem tijdens het Waalse monument. De 22-jarige Belg maakt ook dit jaar weer indruk, want zijn prestaties zijn op zijn leeftijd indrukwekkend te noemen. Ja, ook naar Evenepoel-standaarden. De jongeling heeft al gezegd zich volledig te willen wegcijferen voor Alaphilippe, maar wat als de Fransman ook zondag tekortschiet in de klassieker die hij ooit zo graag zou willen winnen? In dat geval krijgt Evenepoel ook zijn kans. Hij zal daarvoor wel moeten anticiperen met een solo.

De Belg staat namelijk niet te boek als een afmaker in een klein groepje. Evenepoel is alvast in goede vorm, want in de altijd zware Ronde van het Baskenland moest hij pas op de slotdag zijn leidende positie prijsgeven. Hoewel hij in het klassieke werk nog niet heel erg veel ervaring heeft, zegevierde hij al weleens. In 2019 won hij in zijn debuutjaar bij de profs immers al op imposante wijze Clásica San Sebastián. Als Alaphilippe niet thuis geeft, is het aan Evenepoel om de meubelen dit klassieke voorjaar voor Patrick Lefevere te redden.

Benoot is dit voorjaar weer in goeden doen, verzilvert hij dat in Luik? – foto: Cor Vos

Ook Jumbo-Visma kan in een soortgelijke situatie aan verschillende knoppen draaien. Wanneer Van Aert na een lang voorjaar toch niet meekan in de finale van Luik, dan is daar ook nog Tiesj Benoot. De 28-jarige Belg rijdt al een heel aantal jaren op een constant niveau in de klassiekers en was al meermaals goed voor mooie ereplaatsen. In de Amstel Gold Race maakte hij op de Keutenberg nog indruk en in de slotkilometer koerste hij met een slimme aanval naar de derde podiumplek. Ook in Dwars door Vlaanderen werd hij al tweede, in een koers waar Van Aert er niet bij was. Kortom: Benoot mag je niet laten rijden.

Maar daarin zit hem net de crux. Als Van Aert meezit in de finale, kan zijn aanwezigheid ertoe leiden dat een ploegmaat van hem naar de winst kan rijden. Benoot is slim genoeg om dat te weten; het was zelfs een van zijn motivaties om naar de Nederlandse ploeg te verkassen. In het shirt van Team DSM werd hij hier vorig jaar nog zevende, op een paar tellen van het groepje dat sprintte voor winst. Jonas Vingegaard kan van dezelfde situatie gebruikmaken, maar hij maakte in de Waalse Pijl dus niet de allerbeste indruk. Desondanks geeft Jumbo-Visma al jaren hoog op van zijn kwaliteiten in de heuvelklassiekers.

Pidcock is een natuurtalent en kan er zondag zo maar uit het niets staan, na zijn maagproblemen – foto: Cor Vos

Tweede in de Ronde van Vlaanderen, winst in de Amstel Gold Race, winst in de Brabantse Pijl en winst in Parijs-Roubaix. Dat is de maand april van INEOS Grenadiers in een notendop. De Britse formatie is waanzinnig sterk, want ook in de Ronde van het Baskenland werd de eindzege binnengeharkt. Met Luik-Bastenaken-Luik krijgen ze een volgende kans om hun ijzersterke voorjaar te bekronen. Van alle monumenten is dit de koers die Tom Pidcock het beste zou moeten liggen. De vederlichte klimmer vindt in de Ardennen een speeltuin en met zijn explosiviteit en goede eindschot lijkt het een kwestie van tijd vooraleer hij hier wint.

Oorspronkelijk zou de 22-jarige Brit zelfs drie sterren krijgen in deze voorbeschouwing, ware het niet dat hij in de Waalse Pijl al heel vroeg loste en er zelfs de brui aan gaf. Wat daarvan de reden is, is nog niet bekend. Een Pidcock in goede vorm verdient voor La Doyenne altijd een ster, maar hij is dit voorjaar al een paar keer ziek geweest. Met Michał Kwiatkowski (derde in 2014 en 2017) en vooral de in uitstekende vorm verkerende Daniel Felipe Martínez (vijfde in de Waalse Pijl, eindwinnaar in Baskenland) hebben de Britten nog meer ijzers in het vuur. Die laatste zou de concurrentie door zijn onervarenheid best kunnen onderschatten.

Weet Barguil net als in de GP Miguel Indurain te winnen? – foto: Cor Vos

Er zijn echter meer sterke blokken. Pogačar kan bij UAE Emirates weliswaar de absolute kopman zijn, maar ze hebben meerdere paarden om op te wedden. Zo lijkt Marc Hirschi eindelijk weer op niveau, nadat hij afgelopen winter een heupoperatie onderging. De Zwitser wist bij zijn rentree zelfs meteen te winnen en ook daarna zette hij een sterke reeks neer. We moeten niet vergeten dat Hirschi hier in het najaar van 2020 al eens tweede werd. Ook Diego Ulissi zou hier in potentie een sterke koers moeten kunnen afleveren, maar winnen lijkt voor hem wel een brug te ver. Anderzijds: als iedereen naar zijn kopman blijft kijken…

Frankrijk heeft naast Alaphilippe en Cosnefroy nog meer coureurs om naar uit te kijken. Er zijn er een heel aantal in vorm die in Luik-Bastenaken-Luik ook de show kunnen stelen. Zo stond David Gaudu vorig jaar bijvoorbeeld op het podium. Hij is er nu niet bij, maar zijn ploeggenoot Valentin Madouas wél. De renner van Groupama-FDJ werd eerder dit voorjaar al knap derde in de Ronde van Vlaanderen.

Ook Warren Barguil (Arkéa Samsic) is al heel het seizoen op de afspraak, maar in de echte grote koersen is winnen voor hem lastig. Dat geldt ook voor Guillaume Martin (Cofidis), maar beiden kunnen wel een heel eind komen. Martin won overigens al eens de beloftenversie van La Doyenne, over grotendeels dezelfde route.

Woods wist ook al te winnen te dit jaar, in Gran Camiño – foto: Cor Vos

Dan komen we uit bij het geplaagde Israel-Premier Tech, dat de Vlaamse klassiekers door een griepgolf helemaal in het water zag vallen. Ze kunnen de UCI-punten echter hard gebruiken en daarom was de zesde plek van Michael Woods in de Waalse Pijl een mooie opsteker. Vorig jaar was de ervaren Canadees hier nog vijfde. Ook oud-winnaar Jakob Fuglsang zal in Luik met ambities aan de start staan. Hij weet alvast hij je in de nieuwe finale ook solo kunt winnen.

Bij BikeExchange-Jayco zetten ze vol in op Michael Matthews, in Ans al eens vierde. Bling werd woensdag echter ziek en miste daardoor ook de Waalse Pijl.

Tot slot nog een renner van Astana Qazaqstan, dat dit voorjaar ook al geen deuk in een pakje boter rijdt. Zij brengen echter wel Vincenzo Nibali aan de start. Tien jaar geleden leek de Italiaan hier al eens op koers voor winst, maar dat was toen buiten Iglinskiy gerekend. De ervaren Italiaan won al twee keer de Ronde van Lombardije en eenmaal Milaan-San Remo. In een monument mag je hem nooit vergeten. Want als je dat wel doet, dan slaat de Haai van de straat van Messina keihard toe.

De nieuwe finale zou Matthews ook heel goed moeten liggen – foto: Cor Vos


Favorieten volgens WielerFlits
**** Tadej Pogačar
*** Wout van Aert, Alejandro Valverde
** Dylan Teuns, Benoît Cosnefroy, Aleksandr Vlasov
* Julian Alaphilippe, Tiesj Benoot, Tom Pidcock, Remco Evenepoel

Website organisatie
Deelnemerslijst (WielerFlits)


Weer en tv

Zondag is tijdens Luik-Bastenaken-Luik een grote kans op enkele buien, verwacht Weeronline. Tussen de buien door schijnt ook geregeld de zon, maar als de renners toevallig met een bui meefietsen kan het ook langere tijd nat zijn. De temperatuur loopt op naar waarden tussen 12 en 16 graden Celsius en er waait een matige oostenwind, 3 of 4 Bft.

Voor mensen die de koers willen volgen, kunnen vanaf 13.30 uur inschakelen op Eurosport en Sporza. Zij zijn er live bij na de vrouwenwedstrijd. De NOS schakelt wat later in op NPO1. Kun je geen tv kijken? Geen zorgen, WielerFlits voorziet je in een liveblog van updates.




Lees verder op Wielerflits.nl

Deel dit nieuws :

Share on facebook
Share on twitter
Share on whatsapp
Share on email
Share on print