Voorbeschouwing: Dwars door Vlaanderen 2022

Artikel van Wielerflits:Jeen de Jong

De heilige, tiendaagse wielerweek is halverwege, als de renners zich woensdagochtend klaarmaken voor weer een wedstrijd op Vlaamse wegen. Na de E3 Saxo Bank Classic en Gent-Wevelgem volgt nu Dwars door Vlaanderen. Wie wint vier dagen voor de Ronde van Vlaanderen het laatste voorgerecht? WielerFlits blikt vooruit.

Historie

In 1945 kwam er een nieuwe koers op de kalender: Dwars door België. De eerste winnaar was niemand minder dan, een destijds 21-jarige, Rik Van Steenbergen. De jaren erna werd de wedstrijd een tweedaagse. Traditionele start- en finishplaatsen waren Sint-Truiden en Waregem. Sinds 1965 besloot de organisatie er opnieuw een eendagskoers van te maken met Waregem als start- en aankomstplaats. Sinds de eeuwwisseling heet de wedstrijd Dwars door Vlaanderen en wordt er gestart in Roeselare. De aankomststreep bleef liggen in Waregem.

In de loop der jaren wonnen tal van kampioenen Dwars door België, dan wel Dwars door Vlaanderen. Naast Rik Van Steenbergen, konden onder meer Briek Schotte (1953 en 1955), Walter Godefroot (1966 en 1968), Johan Museeuw (1993), Tom Boonen (2007) en Mathieu van der Poel (2019) zegevieren. Geen slecht rijtje. Wat het meest opvalt aan de erelijst, zijn echter niet de namen die er wel opstaan. Het is een naam die ontbreekt. Hoe kan het dat Eddy Merckx, een man met een palmares waar dat van een peloton anderen in past, nooit de beste was in Dwars door België?

Yves Lampaert is de laatste Belgische winnaar – foto: Cor Vos

1966
Hiervoor moeten we terug naar de editie van 1966. Zoals we al zagen, was Walter Godefroot dat jaar de triomfator. Juichend over de streep kwam De Vlaamse Bulldog evenwel niet. In plaats van rechtop en met de armen in de lucht, passeerde hij de finishlijn al glijdend. De latere teammanager van T-Mobile was in de allerlaatste meters, tijdens een sprint met vier, ten val gekomen. Zodoende moest hij vanaf de koude keien toezien hoe een vluchtgenoot zegevierde. Die winnaar was ene Eddy Merckx.

Voor een tijdje, althans. Want de jury greep in. Zij oordeelden dat Merckx de veroorzaker van de tuimelperte was en zetten hem terug naar de laatste plek van de groep. Godefroot werd vervolgens tot winnaar uitgeroepen. Het besluit tot declassering viel niet in goede aarde bij Merckx, die van mening was dat hij Godefroot niet had gehinderd. “Ik reed op kop en hij probeerde tussen mij en de omheining te raken. En hij valt door op de poten van de nadarafsluiting te rijden. Ik kan daar toch niets aan doen?”, liet hij jaren later – nog altijd nijdig – optekenen in zijn biografie.

Godefroot en Merckx in 2013 – foto: Cor Vos

Tussen Merckx en Godefroot kwam het wel weer goed, maar tussen Merckx en Dwars door België niet meer. De 21-jarige Brusselaar verklaarde na de jurybeslissing dat hij deze wedstrijd nimmer meer zou rijden – en hield woord. Hij verscheen nooit meer aan de start.

Op het moment van Merckx’ uitspraak, haalden zijn tegenstanders hier wellicht hun schouders nog over op. Achteraf zullen ze echter maar wat blij zijn geweest met zijn drastische besluit. In het decennium dat volgde kreeg de concurrentie immers keer op keer klop van De Kannibaal – hoe dan ook, waar dan ook. Dwars door België was in die jaren een veilige haven, een van de weinige plaatsen waar men vrij was van vernederingen.

Nederland en België 
Door het wegvallen van Merckx, pakte Peter Post in 1966 trouwens een podiumplaats. Hij werd derde dat jaar. Post wist Dwars door België nooit te winnen, in tegenstelling tot veertien van zijn landgenoten. Piet van Est (1964), Cees Priem (1975), Jos Schipper (1978), Johan van der Meer (1980), Jan Raas (1982), Jelle Nijdam (1987 en 1995), John Talen (1988), Tristan Hoffman (1996 en 2000), Niki Terpstra (2012 en 2014) en Mathieu van der Poel (2019) hielden de Nederlandse eer hoog. Vorig jaar voegde Dylan van Baarle zich bij die lijst.

Mathieu van der Poel zegevierde in 2019 – foto: Cor Vos

De laatste Belgische zege werd in 2018 door Yves Lampaert behaald. Hij was daarmee de eerste renner die Dwars door Vlaanderen twee jaar op rij wist te winnen. Ja, in 1976 en 1977 won twee keer op rij een Planckaert, maar dat was eerst Willy en later Walter. Ook in 1984 en 1985 volgden twee Planckaert-zeges elkaar op. Dit keer was het eerst Walter, gevolgd door Eddy.

Overigens zijn Walter Planckaert en Yves Lampaert onderdeel van een groep van dertien renners die Dwars door Vlaanderen twee keer gewonnen heeft. Naast Lampaert is Niki Terpstra de enige nog actieve renner die op drie zeges kan komen in deze klassieker.

Laatste tien winnaars Dwars door Vlaanderen
2021: flag-nl Dylan van Baarle
2020: Niet verreden vanwege de coronacrisis
2019: flag-nl Mathieu van der Poel
2018: flag-be Yves Lampaert
2017: flag-be Yves Lampaert
2016: flag-be Jens Debusschere
2015: flag-be Jelle Wallays
2014: flag-nl Niki Terpstra
2013: flag-it Oscar Gatto
2012: flag-nl Niki Terpstra


Vorig jaar

Eigenlijk zou de 75e Dwars door Vlaanderen in 2020 zijn verreden. De organisatie stelde alles in het werk om een feesteditie neer te zetten, maar de coronapandemie dwarsboomde alle plannen. In 2021 vierde de klassieker alsnog zijn jubileum, al ontbrak door alle maatregelen de visite langs de route. Trek-Segafredo (met vijf man i.p.v. zeven) en BORA-hansgrohe waren wel weer van de partij. In Gent-Wevelgem ontbraken beide ploegen nog na positieve coronatests.

Gelijk vanuit het vertrek ging het hard. Er werd slag om slinger aangevallen, maar na het eerste koersuur, waarin liefst vijftig kilometer werd afgelegd, was er nog altijd geen kopgroep gevormd. Na een kort oponthoud – de koers werd geneutraliseerd vanwege vrachtwagens op het parcours – wisten uiteindelijk Ethan Hayter, Florian Vermeersch en Jelle Wallays weg te rijden. Voor Vermeersch ging het op de Knokteberg, de vierde klim van de dag, te snel.

Verbrokkeling op de Taaienberg
Op de Maria Borrestraat versnelde het peloton, waardoor de toch al broze voorsprong van de twee overgebleven koplopers terugliep. Wallays en Hayter begonnen met twintig seconden aan de Taaienberg, maar dat bleek niet genoeg om het peloton voor te blijven. Op de kasseiklim viel de grote groep steeds meer uiteen. Op de uitloper ervan reed Dylan Teuns even vooruit, maar de renner van Bahrain Victorious kreeg weinig ruimte. Niet veel later ontstond de volgende kopgroep.

Dylan Teuns probeert het – foto: Cor Vos

Een groep met zeven man troepte samen, en op de Berg ten Houte reed Dylan van Baarle daaruit weg. De Nederlander moest echter nog 52 kilometer afleggen. Bij de favorieten testte Mathieu van der Poel de benen de eerste keer, op 51 kilometer van de streep. De Nederlandse kampioen kreeg Florian Sénéchal met zich mee. Op weg naar de Kruisstraat pakte Van Baarle een voorsprong van een half minuutje op een eerste groepje met onder anderen Alexander Kristoff en Tim Wellens. In een volgende groep zat Van der Poel, terwijl wereldkampioen Julian Alaphilippe daar weer achter reed. Nog voor de klim troepten de eerste twee achtervolgende groepjes samen.

Van Baarle houdt stand
Op de Kruisstraat reed Nils Politt in een strak tempo naar boven, maar Van Baarle wist vooraan in zijn eentje stand te houden. Meerdere renners gingen in de tegenaanval op de Nederlander, maar steeds stuitten zij op een reactie. Op de Knokteberg zakte Van der Poel verrassend erdoor, terwijl Alaphilippe juist oprukte. De wereldkampioen moest echter nog wel het een en ander goedmaken op onder meer koploper Van Baarle en een eerste achtervolgende groep met Christophe Laporte, Greg Van Avermaet, Warren Barguil, Rui Oliveira, Dylan Teuns, Milaan-San Remo-winnaar Jasper Stuyven, Victor Campenaerts, Florian Sénéchal en Luke Durbridge.

Een andere Dylan ging er met de zege vandoor – foto: Cor Vos

Van Baarle wist op weg naar de beklimming van het Vossenhol zijn voorsprong op de eerste acht achtervolgers van twintig à dertig tellen in stand te houden. In die groep werd door onder meer Van Avermaet hard gewerkt om het samengesmolten peloton met onder andere Alaphilippe en Van der Poel voor te blijven.  Ondertussen begon Van Baarle met een halve minuut voorsprong aan de Nokereberg, de laatste klim op tien kilometer van de finish.

Van Avermaet nam in de achtervolging de kasseiklim voor zijn rekening, maar het groepje kwam niet dichterbij. Van Baarle bedwong in een vloeiende stijl de kasseien van de Herlegemstraat en op acht kilometer van de aankomst kon hij ook de laatste hindernis van de route wegstrepen. Daarna moesten enkel de kilometers nog worden afgeteld. De achtervolgers waren verslagen en na 184,1 kilometer koers kreeg de 75e Dwars door Vlaanderen een winnaar uit Nederland.

In de slotkilometers kwam het peloton, waaruit Mathieu van der Poel in de finale moest lossen, toch nog bij de achtervolgende groep. Christophe Laporte legde beslag op de tweede plek, Tim Merlier werd derde.

Uitslag Dwars door Vlaanderen 2021
1. flag-nl Dylan van Baarle (INEOS Grenadiers)
2. flag-fr Christophe Laporte (Cofidis)
3. flag-be Tim Merlier (Alpecin-Fenix)
4. flag-be Yves Lampaert (Deceuninck-Quickstep)
5. flag-be Tosh Van der Sande (Lotto Soudal)


Parcours

Dwars door Vlaanderen houdt vast aan de start in Roeselare, finisht traditiegetrouw in Waregem en trekt net als in 2021 over dertien hellingen. Toch zijn er – in vergelijking met vorig jaar – aardig wat wijzigingen. “We wilden afstappen van te veel bekende hellingen die al te dikwijls terugkeren”, liet Guy Delesie, die als secretaris van Waregem met Flanders Classics het parcours hertekende, in november weten.

Twee bekende klimmen liggen om die reden niet meer op het parcours: de Kluisberg en Taaienberg. “De Kluisberg haalden we er veiligheidshalve uit. Het aantal verkeerselementen neemt er voortdurend toe en er zijn veel niet verplaatsbare eilanden bijgekomen. Om die reden zitten de kasseien van de Stationsberg er ook niet in. Die afdaling is net iets te gevaarlijk om daar renners te zien vallen net voor de Ronde van Vlaanderen”, aldus Delesie.

De editie van 2022 krijgt in plaats daarvan drie ‘nieuwe’ hellingen. Dit zijn de Zeelstraat in Zulzeke, de Stooktestraat in Berchem (de weg waarop ze in de Ronde van Vlaanderen na de Paterberg naar beneden rijden) en de Ladeuze. Deze laatste helling (1,2 km aan 5,6%) ligt op minder dan veertig kilometer van het einde en is dus een mogelijke scherprechter.

Voorafgaand aan de Ladeuze, hebben de renners – naast de Zeelstraat en de Stooktestraat – achtereenvolgens ook al de volgende heuvels moeten bedwingen: de Nieuwe Kwaremont, de Knokteberg-Trieu, de Hotond, de Kortekeer, Berg Ten Houte, de Kanarieberg, nogmaals de Knokteberg-Trieu en een tweede keer de Hotond. Ná de Ladeuze volgen enkel nog Nokereberg (500 meter aan 5,7%) en de Holstraat (1 km aan 5,2%). De top van die laatste beklimming ligt op ongeveer acht kilometer van het einde.

Naast alle genoemde kuitenbijters, krijgen de coureurs ook nog de kasseien van de Varenstraat, Mariaborrestraat (twee keer), Doorn en Herlegemstraat voor de kiezen. Veel van deze stroken liggen in de finale.

Woensdag 30 maart, Dwars door Vlaanderen: Roeselare – Waregem (183,7 km)
Officieuze start: 12.45 uur
Officiële start: 12.55 uur
Finish: tussen 17.06 en 17.31 uur

Kasseienstroken en hellingen
K. Varenstraat – op 129 km van de finish
1. Nieuwe Kwaremont – op 122 km
2. Zeelstraat – op 113 km
3. Knokteberg-Trieu – op 104 km
4. Stooktestraat – 98 km
5. Hotond – op 91 km
6. Kortekeer – op 84 km
K. Mariaborrestraat – op 82 km
7. Berg Ten Houte – op 71 km
8. Kanarieberg – op 65 km
9. Knokteberg-Trieu – op 52 km
10. Hotond – op 48 km
K. Mariaborrestraat – op 42 km
11. Ladeuze – op 38 km
K. Doorn – op 29 km
12. Nokereberg – op 22 km
K. Herlegemstraat – op 12 km
13. Holstraat – op 8 km


Favorieten

De koning van de tot nog toe verreden kasseiklassiekers, Wout van Aert, staat woensdag niet aan de start van Dwars door Vlaanderen. De Belgisch kampioen heeft geen koerskilometers meer nodig voorafgaande aan de Ronde van Vlaanderen: aan zijn vorm valt niet veel meer aan te scherpen. Voor Kasper Asgreen is dit ogenschijnlijk een ander verhaal, maar ook de Deen zal het presentieblad in Roeselare niet tekenen. Betekent dit dat er sprake is van een gedecimeerd veld? Geenzins, want ten opzichte van de E3 Saxo Bank Classic en Gent-Wevelgem komen er juist ook de nodige toppers bij.

Een van die toppers is Tadej Pogačar, de grote man van de eerste seizoensmaanden. De Sloveen won dit jaar vrijwel elke koers waar hij aan het vertrek stond. Alleen in Milaan-San Remo werd Pogi ‘slechts’ vijfde, nadat hij in de UAE Tour, Strade Bianche en Tirreno-Adriatico wel de beste was – met overmacht.

Nu gaat hij zijn kans wagen op de kasseien. Woensdag in Dwars door Vlaanderen, zondag in de Ronde. Officieel als voorbereiding op de Roubaix-rit in de Tour de France, maar rustige trainingstochtjes zal hij er vast niet van gaan maken. En zelfs als hij dat doet, zullen we hem van voren zien. Helemaal onervaren is Pogačar op dit terrein overigens niet: in 2018 werd hij vijftiende in de beloftenversie van de Ronde van Vlaanderen.

Pogačar probeert het op de Poggio – foto: Cor Vos

Iemand die de profversie van de Ronde van Vlaanderen én Dwars door Vlaanderen al op zijn naam heeft staan, is Mathieu van der Poel. Ook hem zullen we woensdag voor het eerst dit jaar aan het werk zien op Vlaamse wegen.

Nadat MVDP in Milaan-San Remo op indrukwekkende wijze terugkeerde in het peloton, reed hij vorige week Settimana Internazionale Coppi e Bartali. Hoewel hij daar een rit wist te winnen, was hij nog niet “top-top-top” volgens ploegmanager Christoph Roodhooft. Diezelfde Roodhooft acht Van der Poel niettemin in staat om de Ronde van Vlaanderen te winnen. In de iets minder goed bezette Dwars door Vlaanderen moet dat dan helemaal tot de mogelijkheden behoren.

Tom Pidcock is ook nog niet op zijn allerbest. De Brit stapte in Milaan-San Remo uit met maagproblemen, nadat hij eerder ook al verstek gaf voor Strade Bianche. In tegenstelling tot Van der Poel, kon de Brit bij zijn terugkeer in het peloton bovendien geen potten breken. Hij werd in Gent-Wevelgem 67e. Toch moet Pidcock niet zomaar afgeschreven worden: het blijft een uitzonderlijk talent, dat er zomaar weer zou kunnen staan.

Van der Poel wint rit vier van de Settimana Internazionale Coppi e Bartali – foto: Cor Vos

INEOS Grenadiers brengt met Dylan van Baarle ook de titelverdediger aan het vertrek. De Nederlander lijkt nog niet de topvorm van vorig jaar te hebben, maar behoorde in de E3 Saxo Bank Classic en Gent-Wevelgem wel tot de beteren in koers. Vrijdag eindigde hij als achtste, zondag zat hij mee toen op de laatste passage van de Kemmelberg een elitegroep wegreed. Hoewel Van Baarle na een zware koers zeker niet traag is, getuige zijn zilveren sprint op het WK van Leuven, zal hij niet gauw de snelste zijn van een grote groep. Een solo zoals vorig jaar lijkt meer voor de hand te liggen. Al zou een Trofeo Baracchi met Filippo Ganna ook fraaie beelden opleveren.

Koppeltijdritjes, daar kunnen ze ook wat van bij Jumbo-Visma – de te kloppen ploeg in de kasseienkoersen. De Nederlandse formatie moet het ditmaal weliswaar stellen zonder kopman Wout van Aert, maar dat betekent niet dat de geel-blauwen kansloos zijn. Integendeel.

De klassiekerkern van de ploeg is afgelopen winter dermate versterkt, dat ze ook bij het ontbreken van de aangewezen afmaker nog een selectie van formaat kunnen afvaardigen. Christophe Laporte moet, als nummer twee van de E3 én Gent-Wevelgem, zelfs tot de topfavorieten gerekend worden. Ondertussen lijkt Tiesj Benoot ook alsmaar beter te worden en behoort Mike Teunissen tot de outsiders.

Laporte juicht samen met Van Aert in Harelbeke – foto: Cor Vos

Voordat Jumbo-Visma de troon besteeg, was Quick-Step-Alpha Vinyl de toonaangevende ploeg in de Vlaamse wedstrijden. Voorlopig komen de mannen van Patrick Lefevere er echter niet echt aan te pas. In Kuurne-Brussel-Kuurne redde Fabio Jakobsen de meubelen nog, maar voor de rest lijkt enkel Kasper Asgreen een deftig niveau te halen. En laat die nou net ontbreken in Dwars door Vlaanderen.

Hoe de precieze selectie van Quick-Step eruit zal zien, is overigens nog niet bekend, maar Yves Lampaert zal er in ieder geval wel bij zijn. Hoe kan het ook anders, als tweevoudig winnaar (2017 en 2018). De West-Vlaming keerde in Gent-Wevelgem terug in koers, nadat hij in Parijs-Nice uitviel met een bijholteontsteking. Toch kwam hij bij zijn rentree niet onverdienstelijk voor de dag.

Bij een van de andere Belgische ploegen, Lotto Soudal, is het allereerst uitkijken naar de altijd bedrijvige Victor Campenaerts, die al lang met Dwars door Vlaanderen in zijn hoofd zit. Begin februari liet hij weten dat hij de route al vier keer verkend had. Andere speerpunten zijn Florian Vermeersch en Arnaud De Lie. Die laatste rijgt in zijn eerste profjaar de ereplaatsen aaneen en wist ook al twee keer te winnen.

Natuurlijk, de Trofeo Playa de Palma-Palma en de GP Jean-Pierre Monseré zijn geen Dwars door Vlaanderen, maar hou toch maar rekening met de snelle Waal. In Le Samyn en Nokere Koerse bewees hij al het zwaardere werk aan te kunnen. Jasper Philipsen, de sprinter van dienst bij Alpecin-Fenix, kan dat ook zeker. Qua body en snelheid heeft hij vooralsnog een streepje voor op zijn jonge landgenoot.

Philipsen won in de UAE Tour twee ritten – foto: Cor Vos

De reden dat we snelle mannen als De Lie en Philipsen noemen, is dat een sprint met een grote groep tot de mogelijkheden behoort. Statistisch gezien is de kans klein, maar niet afwezig. Zo kwam er in 2016 nog een groot pak aan in Waregem. Destijds won Jens Debusschere, voor Bryan Coquard. Coquard, die dit jaar uitstekend op dreef is, mag nu opnieuw tot de kanshebbers gerekend worden, indien het op een sprint aankomt.

Hetzelfde geldt voor mannen als Alexander Kristoff, Davide Ballerini, Iván García, Hugo Hofstetter, Pascal Ackermann, Sam Bennett en Dylan Groenewegen. Al zal het voor vooral die laatste drie wel een erg tamme koers moeten worden, willen ze de heuvelzone kunnen overleven.

Mads Pedersen heeft daar geen behoefte aan. De sterke Deen schrikt niet terug voor een slopende wedstrijd en beschikt aan het einde daarvan immer nog over een vlijmscherpe sprint. Dit voorjaar maakte hij al indruk in de vierde etappe van Parijs-Nice, waar hij Coquard en Van Aert met groots machtsvertoon de baas was. Nog recenter werd hij zesde in Milaan-San Remo en zevende in Gent-Wevelgem.

Hoewel hij in de E3 Saxo Bank Classic minder voor de dag kwam, lijkt Pedersen helemaal klaar voor de Ronde van Vlaanderen. Kan hij tussendoor ook Dwars door Vlaanderen meepikken?

Pedersen mag juichen in Parijs-Nice – foto: Cor Vos

Verder heeft ook TotalEnergies een prima ploeg. Niet vanwege Niki Terpstra, Edvald Boasson Hagen of Peter Sagan (die de woensdagwedstrijd überhaupt overslaat) – het is geen 2018 meer -, maar omdat het Franse team Dries Van Gestel en Anthony Turgis op kan stellen. Van Gestel werd knap derde in Gent-Wevelgem, Turgis was in Dwars door Vlaanderen al een keer tweede. De Fransman was dit jaar ook al eens runner-up: in Milaan-San Remo kwam een zichtbaar teleurgestelde Turgis net te laat om de ontsnapte Matej Mohorič terug te pakken.

Een andere hoofdrolspeler in Milaan-San Remo was Søren Kragh Andersen. De Deen toonde zich op de Poggio een van de sterkste renners in koers, maar moest uiteindelijk genoegen nemen met een zevende plaats. In Gent-Wevelgem deed de renner van Team DSM het nog wat beter. Hoewel Kragh Andersen te laat kwam om de vier koplopers bij te halen, bleef hij dankzij een ultieme uitval wel het peloton voor. Een vijfde plek was het resultaat.

Wil hij nog een kasseiklassieker winnen dit voorjaar, dan moet het nu echter wel gebeuren. Zijn ploeg heeft besloten om SKA de heuvelklassiekers te laten rijden in plaats van de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix.

Turgis eindigde als dertiende in de E3 – foto: Cor Vos

Stefan Küng is van een soortgelijk type als Kragh Andersen. Wil hij deze koers winnen, dan moet hij het niet op een sprint aan laten komen, maar er alleen vandoor gaan. De capaciteiten daarvoor bezit de Zwitser. In de E3 Saxo Bank Classic liet hij dat nog zien, door in de laatste kilometer weg te rijden uit zijn groepje en achter Van Aert en Laporte als derde te eindigen. Greg Van Avermaet werd dit jaar ook al eens derde, in de Omloop Het Nieuwsblad. Of de oude krijger in Dwars door Vlaanderen beter kan doen, is betwijfelbaar, maar hij zal zich zeker in de debatten mengen.

Van Avermaets ploeggenoot Oliver Naesen, Gianni Moscon (Astana Qazaqstan) en Alberto Bettiol (EF Education-EasyPost) verdienen ondanks twijfels over hun vorm ook een vermelding. Marc Hirschi (UAE Emirates) lijkt al in iets betere doen en mag dus ook tot de outsiders gerekend worden.

Op het moment van publiceren is de startlijst nog niet compleet. Het kan zijn dat er later nog wijzigingen doorgevoerd worden in de voorbeschouwing. 


Favorieten volgens WielerFlits
**** Mathieu van der Poel
*** Christophe Laporte, Mads Pedersen
** Søren Kragh Andersen, Tadej Pogačar, Anthony Turgis
* Stefan Küng, Dylan van Baarle, Victor Campenaerts, Jasper Philipsen

Website organisatie
Deelnemerslijst


Weer en TV

Na het droge, aangename voorjaarsweer van vorige week, zal het deze week afkoelen. Dat begint op woensdag, op de dag van Dwars door Vlaanderen. Het wordt dan maximaal elf graden en er kan klein een klein buitje vallen. Met windkracht drie waait het niet extreem hard. Vanaf 14.30 uur is de wedstrijd live te zien bij Sporza op Eén.




Lees verder op Wielerflits.nl

Deel dit nieuws :

Share on facebook
Share on twitter
Share on whatsapp
Share on email
Share on print