Voorbeschouwing: Dwars door het Hageland 2022

Artikel van Wielerflits:Niels Bastiaens

In de schaduw van het Critérium du Dauphiné en de Ronde van Zwitserland, zorgt de Exterioo Cycling Cup voor spektakel in de eigen contreien. Dankzij de onverharde stroken en kasseien krijgen we in Dwars voor het Hageland quasi altijd een attractieve koers. WielerFlits blikt vooruit.

Historie

Dwars door het Hageland bestond al wel enkele jaren toen de wedstrijd in 2016 stevig onder handen werd genomen. Onverharde wegen en bospaden moesten een nieuw gezicht geven aan de koers, die tot dan toe al tienmaal eerder was gehouden: tussen 2001 en 2003 en tussen 2006 en 2009 als amateurkoers, en tussen 2010 en 2012 als 1.2-koers in de UCI Europe Tour. Maar nooit op het hoogste niveau.

De organisatie bleef ook de jaren nadien niet bij de pakken zitten en bracht de wedstrijd in 2014 en 2015 onder in de Ronde van Vlaams-Brabant, alvorens men de beslissing nam om Nick Nuyens en zijn Bingoal Cycling Cup-project onder de arm te nemen. Onder zijn impuls kwam er een 1.1-editie van de wedstrijd op poten. Dwars door het Hageland nieuwe stijl was geboren.

Een parcours werd uitgetekend met start in Aarschot en aankomst op de Citadel van Diest. Op de nieuwe route moesten liefst twintig passages van onverharde wegen en kasseistroken voor het nodige spektakel zorgen, bovenop de bijna tweeduizend hoogtemeters verspreid over twaalf hellingen. Hiermee kreeg België haar eigen Strade Bianche. De ingrediënten waren dezelfde: koersen over gravel en een aankomst op haar eigen Piazza del Campo, de Citadel van Diest.

Van der Poel snelt Van der Hoorn nog voorbij na de laatste bocht in 2017 – foto: Cor Vos

Met voormalig Ronde van Vlaanderen- en Parijs-Roubaix-winnaar Niki Terpstra kreeg de 1.1-koers meteen een kanjer op de erelijst. Maar men vond dat het de jaren nadien allemaal nog ietsje meer mocht zijn. Daarop werd het aantal onverharde stroken uitgebreid naar 25 en lagen alle cruciale stroken in de laatste honderd kilometer. Datmaal zegevierde Mathieu van der Poel, door op de Citadel Taco van der Hoorn en Wout van Aert te kloppen.

De jaren nadien volgden wederom spektakelwedstrijden, ditmaal met respectievelijk Krists Neilands, Kenneth Vanbilsen en Jonas Rickaert als laureaten. Sinds 2020 maakt Dwars door het Hageland deel uit van de ProSeries van de UCI, een volgende stap in de ontwikkeling van deze spektakelrijke eendagswedstrijd.

Laatste tien winnaars Dwars door het Hageland
2021: flag-no Rasmus Tiller
2020: flag-be Jonas Rickaert
2019: flag-be Kenneth Vanbilsen
2018: flag-lv Krists Neilands
2017: flag-nl Mathieu van der Poel
2016: flag-nl Niki Terpstra
2015: flag-be Tom Bosmans – rit in de Ronde van Vlaams-Brabant (2.12)
2014: flag-be Dries De Bondt – rit in de Ronde van Vlaams Brabant (2.12)
2012: flag-be Timothy Stevens
2011: flag-be Grégory Habeaux


Vorig jaar

Dwars door het Hageland valt nooit stil, en daar was 2021 het beste bewijs van. Nooit kreeg een vroege vlucht de ruimte van het peloton. De vier aanwezige WorldTeams (Deceuninck-Quick-Step, Intermarché-Wanty-Gobert, Cofidis en DSM – opvallend toen géén Lotto Soudal) sprongen op alles wat bewoog.

Pas in de laatste honderd kilometer zagen we enkele renners af en toe ruimte krijgen, onder wie de Nederlandse rasaanvallers Taco van der Hoorn en Jan-Willem van Schip. Zij namen een groep van een zevental aanvallers op sleeptouw en openden zo de voorfinale. De kopgroep reed even vooruit, maar werd ook weer snel tot de orde geroepen.

Toen op vijftig kilometer van de meet een groep met Boy van Poppel, Danny van Poppel, Jonas Rickaert, Yves Lampaert, Dries Van Gestel, Rasmus Tiller, Piet Allegaert en Connor Swift aanviel, werd duidelijk dat we bij een sleutelmoment in de wedstrijd waren aanbeland.

Tiller haalde het van Van Poppel – foto: Cor Vos

Alle grote formaties waren vertegenwoordigd, waardoor het peloton liet begaan en al snel op een minuut werd gemeld. Enige dreiging kwam nog van Nils Eekhoff, Davide Ballerini en Wesley Kreder, die in de tegenaanval gingen. Alleen slaagden zij er niet meer in om de oversteek te maken vanuit het peloton, dat te laat op gang kwam om de kopgroep nog bij te halen.

In de laatste tien kilometer plaatste Boy van Poppel als eerste renner een aanval op laatste gravelstrook van de dag. Van Gestel ging even overboord, maar meer schade bracht de aanval van de Nederlander niet teweeg. Swift was de volgende die het probeerde. Door zijn aanval bleven alleen Tiller, Rickaert, Danny van Poppel en Allegaert over. Lampaert moest verrassend genoeg passen, maar kwam op weg naar de Citadel van Diest toch weer terug aansluiten.

Daar zou de wedstrijd worden beslist. Tiller ging al vroeg aan, bleef op de kasseitjes rustig op zijn fiets zitten en greep in Diest de zege. Van Poppel gaf alles om de Noor van de zege te houden, maar kwam niet verder dan de tweede plaats.

Uitslag Dwars door het Hageland 2021
1. flag-no Rasmus Tiller (Uno-X)
2. flag-nl Danny van Poppel (Intermarché-Wanty-Gobert) op 1s
3. flag-be Yves Lampaert (Deceuninck-Quick-Step) op 2s
4. flag-be Jonas Rickaert (Alpecin-Fenix) allemaal in z.t.
5. flag-be Piet Allegaert (Cofidis)


Parcours

Aarschot-Diest is nu al enkele jaren het traject van Dwars door het Hageland, en dat is dit jaar niet anders. Qua afstand is er de afgelopen jaren wel een trend ingezet. Waar het parcours tot en met 2019 quasi altijd de 200-kilometergrens overschreed, moeten de renners het nu nog met slechts 177 kilometer doen. Exact dezelfde afstand, over exact hetzelfde parcours als in 2021.

Vanuit de stad van burgemeester Gwendolyn Rutten begint het peloton aan een lus van bijna zeventig kilometer doorheen het Hageland. Gemeentes als Scherpenheuvel, Rillaar, Aarschot, Langdorp, Zichem en Messelbroek passeren de revue. Hierbij ook de eerste onverharde zone van de dag, met de Grootbroekstraat (5.400 meter) na 36 kilometer. Even later komen ook de Demervallei (3.300 meter) en de Demerdijk (4.000 meter) op het pad van de renners.

Na 67 kilometer koers belanden de renners in aankomstplaats Diest, nochtans maar een boogscheut verwijderd van Aarschot. Diest is de stad van Mario Aerts (winnaar van de Waalse Pijl in 2002) en 94-voudig Belgisch voetbalinternational Timmy Simons. De renners rijden er voor een eerste keer de beruchte Citadel van Diest op, een met kasseien betegelde helling van ruim 1.000 meter.

De volgende zestig kilometer zijn quasi identiek aan de eerste lus en doen alleszins dezelfde hindernissen aan. De finale, die wordt ingeleid door de Gouden Kilometer op een kleine 45 kilometer van de streep, speelt zich voornamelijk in Diest en Scherpenheuvel af.

Tijd voor schietgebedjes aan de basiliek is er niet, want ook in de volgende lus van 22 kilometer, die tweemaal op de planning staat, volgen de onverharde stroken in sneltempo. Het Prinsenbos (1.800 meter) en wederom de Demerdijk (4.000 meter) zijn de scherprechters van dienst. Vergeet zeker ook het Grasbos niet, de pukkel die met zijn stijgingspercentages tot twintig procent ook de Poggio wordt genoemd. Maar op het einde van elke ronde ligt ook die verraderlijke Citadel van Diest weer te wachten.

Zo komen we uit op een totaal van 41 kilometer onverhard en kasseien. Over deze Citadel van Diest, ook wel de Allerheiligenberg genoemd… De renners komen via een kasseilaantje uit het dorpscentrum van Diest en draaien vervolgens met een scherpe linkse bocht het steilste deel van de helling op. In die laatste 700 meter lopen de percentages nog flink op, maar vanaf ze het bruggetje van de Citadel onderdoor gereden zijn, vlakt het af richting de korte aankomstlijn.

Die ligt na een rechtse bocht, waarna inhalen amper nog mogelijk is. Al deed Mathieu van der Poel het in 2017 toch, door Taco van der Hoorn nog te remonteren. Een ding is zeker: bovenop de Citadel wint geen pannenkoek.

Zaterdag 11 juni 2022: Aarschot – Diest (177 km)
Start: 11.10 uur
Finish: tussen 15.10 en 15.45 uur

Kasseien en onverharde stroken:

1. Na 36,7 km: Grootbroekstraat – 5.400 m
2. Na 45,5 km: Demervallei Aarschot – 3.300 m
3. Na 59,1 km: Demerdijk Zichem – 4.000 m
4. Na 67,4 km: Citadel – 1.000 m
5. Na 98,6 km: Grootbroekstraat – 5.400 m
6. Na 107,4 km: Demervallei Aarschot – 3.300 m
7. Na 121,1 km: Demerdijk Zichem – 4.000 m
8. Na 129,4 km: Citadel – 1.000 m
9. Na 133,4 km: Prinsenbos – 1.800 m
10. Na 144,4 km: Demerdijk Zichem – 4.000 m
11. Na 152,7 km: Citadel – 1.000 m
12. Na 157,7 km: Prinsenbos – 1.800 m
13. Na 167,7 km: Demerdijk Zichem – 4.000 m
14. Na 176,0 km: Citadel – 1.000 m
Totaal: 41 km


Favorieten

Het lastige karakter van deze eendagskoers, gekleurd door onverharde en kasseistroken, zorgt ervoor dat we in de eerste plaats zoeken naar de klassiekerspecialisten. Zes WorldTeams nemen het daarbij op tegen vijf ProTeams en zeven continentale formaties.

Lotto Soudal brengt, naar goede gewoonte, in eigen land een ijzersterke selectie aan de start. De equipe is zo sterk, dat het lastig is om aan te duiden wie de formatie van Kurt Van de Wouwer zal uitspelen. In de Antwerp Port Epic bewees Florian Vermeersch alleszins dat onverharde wedstrijden hem als gegoten passen. En Limburger Tim Wellens stond al op het podium van de Strade Bianche. Bovendien moet hij zijn Tourselectie nog verzekerd zien de komende weken.

Florian Vermeersch – foto: Cor Vos

Ook Victor Campenaerts zal graag nog eens een goed resultaat rijden. De Antwerpenaar koerste in de Brussels Cycling Classic nog ijzersterk in dienst van de kopmannen. Zijn kaarsje leek maar niet uit te gaan. Terwijl Arnaud De Lie het in alle wedstrijden op Belgische bodem lijkt af te kunnen maken. Benieuwd tot hoeveel hij al in staat is in lastige koersen zoals deze.

Ook bij Quick-Step-Alpha Vinyl hebben ze meerdere ijzers in het vuur. Denk maar aan Yves Lampaert, die hier zijn eerste koerskilometers sinds het voorjaar afwerkt. Maar dat hoeft niet per se een nadeel te zijn, want vorig jaar werd de West-Vlaming na een gelijkaardige voorbereiding derde.

En wat te denken van Florian Sénéchal? De Fransman is misschien niet gemaakt om te schitteren in de absolute topklassiekers, maar in koersen als deze zou hij er wel altijd moeten staan. Hetzelfde geldt voor ouderdomsdeken Zdenek Stybar, die na het tegenvallende voorjaar nog iets goed te maken heeft en ook iets zal moeten tonen voor een contractverlenging.

Herhaalt Van der Hoorn zijn kunststukje? – foto: Cor Vos

Ook het derde Belgische WorldTeam, Intermarché-Wanty-Gobert, beschikt over een sterk duo. Taco van der Hoorn kenden we in het verleden als specialist van de onverharde koersen, wat hem zelfs eens een tweede plek in Diest opleverde. Na de Brussels Cycling Classic weten we dat het met zijn vorm meer dan oké zit. Quinten Hermans kwam dan weer ten val op de Muur van Geraardsbergen, dus weten we niet hoe goe hij al is na een straffe voorjaarscampagne.

Alpecin-Fenix zet daar ook een gravelspecialist tegenover. Gianni Vermeersch won in een ver verleden al de Slag om Norg en is in de Antwerp Port Epic ook altijd op de afspraak. Dan zou ook deze Dwars door het Hageland hem wel moeten liggen. Vermeersch weet ook sinds de Vierdaagse van Duinkerke weer wat winnen is: de West-Vlaming won er de koninginnerit. Ook ploegmaat Guillaume Van Keirsbulck kan dit terrein trouwens wel aan.

Wie zoekt naar een man in vorm, komt al snel bij Piet Allegaert terecht. De kopman van Cofidis stond de afgelopen weken in veel wedstrijden in eigen land aan de start, en was elke keer op de afspraak. Alleen zaten de omstandigheden niet altijd mee. In de Heistse Pijl was hij de sterkste op de kasseihelling, terwijl hij in de Brussels Cycling Classic aanviel op de Muur van Geraardsbergen, maar ook daar nadien werd ingerekend. Kent hij in een lastigere koers zoals deze meer geluk?

Hoe ver komt Thibau Nys? – foto: Cor Vos

De winnaar van vorig jaar? Die lijkt sinds halverwege maart een beetje op een dwaalspoor. De beste Rasmus Tiller hebben we sindsdien niet meer gezien. De kans dat de jonge Noor zichzelf hier namens Uno-X zal opvolgen lijkt dus eerder klein, maar zeg nooit, nooit. Ook Sep Vanmarcke (Israel-Premier Tech) is gezien zijn mindere vormpeil verre van een zekerheid, net als Mikkel Bjerg (UAE Emirates) en Amaury Capiot (Arkea-Samsic).

Tot slot nog wat namen uit het continentale circuit: alleskunner Thibau Nys (Baloise Trek Lions) – in de Antwerp Port Epic een van de sterkere mannen in koers, Thimo Willems (Minerva Cycling), Gianni Marchand (Tarteletto-Isorex) en Laurens Sweeck (Pauwels Sauzen-Bingoal).


Favorieten volgens WielerFlits
**** Victor Campenaerts
*** Yves Lampaert, Florian Vermeersch
** Quinten Hermans, Gianni Vermeersch, Taco van der Hoorn
* Arnaud De Lie, Piet Allegaert, Thibau Nys, Rasmus Tiller

Website organisatie
Deelnemerslijst


Weer en TV

Volgens Meteovista hebben de renners zaterdag geluk met het weer. Ze mogen namelijk onder zonnige temperaturen tot 25 graden Celsius koersen. Ideale koerstemperaturen dus. De wind blaast aan een kracht van drie Beaufort en komt uit het zuidwesten.

Sporza is naar goede gewoonte van de partij voor een live-uitzending op Eén, vanaf 13.30 uur. Eurosport kiest dan weer voor de Player om de wedstrijd live op het scherm te brengen.




Lees verder op Wielerflits.nl

Deel dit nieuws :