Voorbeschouwing: Circuit Franco-Belge 2022 | WielerFlits

Artikel van Wielerflits:Niels Bastiaens

Met het Circuit Franco-Belge is het alweer tijd voor de voorlaatste manche van de Exterioo Cycling Cup. Die wedstrijd zal niet zo gemakkelijk een sprint worden als de vorige jaren, want de lokale ronde in La Louvière is stevig gekruid met hellingen. Vechten revelaties Biniam Girmay en Arnaud De Lie een episch duel uit? WielerFlits blikt vooruit.

Historie

Het Circuit Franco-Belge is dit seizoen aan zijn tachtigste editie toe. Maar dat wil niet zeggen dat de semiklassieker nog maar tachtig jaar bestaat. Na de Tweede Wereldoorlog duurde het nog een hele tijd vooraleer de wedstrijd weer op de kalender stond, maar in feite bestaat de wedstrijd al sinds 1924.

Steegmans klopt Cavendish en legt de basis voor zijn eindzege in 2007 – foto: Cor Vos

De Franco-Belge kan u nog kennen als de laatste rittenkoers van het seizoen op Belgisch-Franse bodem. Want ja, in de beginjaren werden de landsgrenzen regelmatig overschreden. Vaak ging het om een viertal etappes, met ook nog een afsluitende tijdrit. Men zocht ook regelmatig de Vlaamse Ardennen en zelfs de kasseien van Roubaix op.

Toch moeten we toegeven dat het palmares van de beginjaren niet héél indrukwekkend is. Lokale renners als Julien Vervaecke, Cyriel Van Overberghe en Alfons Ghesquière zetten zich tweemaal op de erelijst, net als de Zwitser Benno Wis. De vier, waarvan Vervaecke dankzij zijn zeges in Parijs-Roubaix en Parijs-Brussel allicht de meest tot de verbeelding sprekende naam is, delen dat record tot op de dag van vandaag met de Australische spurtbom Robbie McEwen.

Vanaf de eeuwwisseling groeide het Circuit Franco-Belge dan ook meer en meer uit tot een sprinterskoers, met vooral passages in de provincies Henegouwen en West-Vlaanderen. Tijd voor een facelift, moet de organisatie gedacht hebben. Vanaf 2012 spraken we over de Eurométropole Tour, en sinds 2016 zijn de verschillende etappes ingewisseld voor een eendagskoers.

De memorabele sprint tussen Groenewegen en Naesen – foto: Cor Vos

Die eerste editie kennen we van de memorabele sprint tussen Dylan Groenewegen en Oliver Naesen. Groenewegen week in volle sprint wel héél ver van zijn lijn af, waardoor Naesen – die duidelijk meer snelheid had – bijna in de dranghekken belandde. Achteraf zou de renner van IAM Cycling voor de microfoon van Sporza de legendarische woorden “ik vond hem al achterlijk, maar nu is het helemaal een deb” uitspreken. Een jeugdzonde van de 26-jarige Oost-Vlaming allicht, maar wel eentje die nog lang zal bijblijven in de hoofden van de wielerfans.

Vanaf dit jaar herneemt de organisatie haar oorspronkelijke naam. Zeg niet meer Eurométropole Tour, maar Circuit Franco-Belge. Dankzij een samenwerking met Golazo is het voortbestaan van deze wedstrijd bovendien voor nog eens vijf jaar verzekerd.

Laatste tien winnaars Circuit Franco-Belge
2021: flag-nl Fabio Jakobsen
2020: Niet verreden vanwege de coronacrisis
2019: flag-be Piet Allegaert
2018: flag-dk Mads Pedersen
2017: flag-gb Daniel McLay
2016: flag-nl Dylan Groenewegen
2015: flag-fr Alexis Gougeard
2014: flag-fr Arnaud Démare
2013: flag-be Jens Debusschere
2012: flag-be Jürgen Roelandts


Vorig jaar

Een jaar geleden viel de toenmalige Eurométropole Tour begin oktober nog pal tussen het WK op de weg en Parijs-Roubaix in. Na de start in La Louvière, tussen Bergen en Charleroi, ging het naar goede gewoonte in noordwestelijke richting. De vlucht van de dag werd gevormd door Thomas Bonnet (TotalEnergies), Andrea Pasqualon (Intermarché-Wanty-Gobert), Robin Carpenter (Rally Cycling), Sergei Chernetski (Gazprom-RusVelo), Kobe Goossens (Lotto Soudal), Julian Mertens (Sport Vlaanderen-Baloise) en de afscheidnemende Kiel Reijnen namens Trek-Segafredo.

Met nog meer dan vijftig kilometer op de koersteller zagen we vanuit het peloton een versnelling van Mads Pedersen. De wereldkampioen van Yorkshire raakte niet meteen weg, maar was indirect wel de grote katalysator van een omvangrijke vlucht van een dertigtal renners. De meeste ploegen waren vertegenwoordigd, maar Uno-X en Rally Cycling hadden zich laten verrassen. Deze ploegen reden dan ook op kop van het peloton, in de hoop op een hergroepering.

In de voorste groep was er snel sprake van een mindere verstandhouding, ook al omdat sommige ploegen met een overtalsituatie zaten. Zo had Lotto Soudal drie renners in de frontlinie en ook Deceuninck-Quick-Step, INEOS Grenadiers en Trek-Segafredo waren goed vertegenwoordigd. Ook enkele rappe mannen hadden de slag overleefd. Jordi Meeus, Danny van Poppel, Hugo Hofstetter, Pedersen en Nacer Bouhanni waren de voornaamste sprinters in de eerste groep, die snel naar de vroege vluchters toereed.

Foto: Cor Vos

Het verschil tussen de eerste groep en het peloton bedroeg bij het ingaan van de voorlaatste ronde zo’n driekwart minuut. Op de laatste passage van de Col de la Croix Jubaru (1,5 km aan 5%) ontplofte de koers volledig. In de voorste groep werd het kaf van het koren gescheiden: zo probeerde Kwiatkowski het met een ultieme aanval, maar de Pool raakte niet weg. In het peloton reed EF Education First-Nippo alles uit elkaar om kopman Michael Valgren alsnog vooraan te krijgen.

In de slotkilometers zat alles echter nog steeds op een zakdoek, al hadden de troepen van Fabio Jakobsen nog werk voor de boeg. De Nederlander had op de Col de la Croix Jubaru het peloton laten rijden, maar met de hulp van zijn talrijke ploeggenoten kwam hij alsnog terug in de groep én wisten ze ook de kloof met de koplopers nog te dichten. Toch een sprint dus, en daarin maakte Jakobsen het ploegwerk knap af.

Uitslag Tour de l’Eurométropole 2021
1. flag-nl Fabio Jakobsen (Deceuninck-Quick-Step)
2. flag-be Jordi Meeus (BORA-hansgrohe) allen in z.t.
3. flag-dk Mads Pedersen (Trek-Segafredo)
4. flag-nl Danny van Poppel (Intermarché-Wanty-Gobert)
5. flag-fr Hugo Hofstetter (Israel Start-Up Nation)


Parcours

Er is dit jaar niet alleen een nieuwe (oude) naam, maar ook het gekende parcours gaat op de schop. De renners rijden voortaan niet meer van La Louvière naar Doornik, maar in omgekeerde richting. En het traject, dat bij vorige edities nog zeer geschikt was voor sterke sprinters, wordt daarbij ook een pak lastiger. Niet dat een sprint niet meer mogelijk is, maar het wordt de snelle mannen niet gemakkelijk gemaakt.

De organisatoren hebben namelijk een parcours van 175 kilometer uitgetekend met daarin zeventien klimmetjes. Die liggen allemaal op het lokaal parcours van 20,4 kilometer rond La Louvière, dat in de finale vier keer en een halve wordt afgewerkt.

Op 10; 8,4 en 2,6 kilometer van de doorkomsten aan de finish moeten telkens de Rue Secquegneau, Bois de Breucq en de Four à Chaux worden bedwongen. Stijgingspercentages van die eerste twee zijn in het routeboek niet te vinden, wél weten we dat die laatste heuvel een gemiddelde stijging heeft van 400 meter aan 8% heeft en heel dicht bij de aankomst ligt. Ook de Rue de Bonne Esperance richting finish loopt trouwens stevig op, wat voor punchers het beste doet verhopen.

Richting dat lokaal parcours rijden de renners vooral in oostelijke richting doorheen de provincie Henegouwen, langs ook dorpen als Hacquegnies, Flobecq, Lessines en Soginies. Na tachtig kilometer over een relatief vlak terrein bereiken ze dan het lokale parcours, waar de strijd om de zege kan worden uitgevochten.

Woensdag 10 augustus: Doornik – La Louvière (175 km)

Start: 13.00 uur
Finish: 16.50 – 17.15 uur


Favorieten

Aan het begin van het jaar besloot de organisatie om een datum in augustus aan te vragen in plaats van het gebruikelijke oktober, omdat het de concurrentie met de Benelux Tour vreesde en toch op een uitstekend deelnemersveld wilde mikken. Intussen is duidelijk dat de Benelux Tour niet eens meer doorgaat, maar een sterk deelnemersveld is het Circuit Franco-Belge wel gelukt. Acht WorldTeams gaan de strijd aan met acht ProTeams en vijf continentale formaties.

Girmay behoort tot de beste punchers ter wereld – foto: Cor Vos

Bij Intermarché-Wanty-Gobert rijden ze natuurlijk in eigen provincie, en dat is aan hun wedstrijdselectie te zien. Goudhaantje Biniam Girmay leidt de troepen van Hilaire Van der Schueren, die ook Alexander Kristoff en Loïc Vliegen aan de start brengt. Toch zijn alle ogen op de Eritreeër gericht. Na een eerste doorbraak in Gent-Wevelgem, bewees hij in de Giro dat hij intussen ook tot de beste punchers ter wereld behoort. Girmay beschikt over een lange sprint bergop en valt zelden stil. Ideaal voor het Circuit Franco-Belge dus.

In de Tour de Wallonie was die andere seizoensrevelatie, Arnaud De Lie, Girmay nog te snel af na een minder lastige etappe. De aankomstlijn liep echter wel stevig omhoog, en daar nam De Lie makkelijk de maat van Girmay. Voor De Lie wordt het cruciaal dat niet héél de finale aan een hoog tempo wordt afgewerkt. Natuurlijk kan de 20-jarige Lotto Soudal-man wel een heuveltje over, maar in wedstrijden als het Circuit de Wallonie en de Tour of Leuven zagen we dat ook zijn kaarsje soms uit kan gaan.

Lotto Soudal maakt, vanwege de 200 UCI-punten die hier te verdienen zijn, van dit soort wedstrijden haar hoofddoel. En dus loopt er bij de Belgische formatie nog meer schoon volk rond. Denk maar aan Florian Vermeersch, die houdt van aanvallend koersen en met een Tour de France in de benen mag rekenen op supercompensatie. Ook Victor Campenaerts, afgelopen week winnaar van de Tour of Leuven, en Brent Van Moer zijn altijd offensief ingesteld en zouden op die manier ook iets kunnen forceren.

Wat doet seizoensrevelatie Arnaud De Lie? – foto: Cor Vos

Bij Israel-Premier Tech zitten ze in hetzelfde schuitje. Met dat verschil dat ze hun UCI-punten vooral in de klimkoersen pakken en met Dylan Teuns net een nieuw kanon hebben binnengehaald. Voor de renners van Dirk Demol zijn dit soort koersen dus geen hoofddoel, maar elk punt is wel mooi meegenomen. Daarom is het uitkijken naar Giacomo Nizzolo, steevast een van de beter klimmende sprinters in het peloton. Kan hij alle schifting overleven? Of moet het van Sep Vanmarcke komen?

Een vierde sterk blok vinden we bij AG2R-Citroën. De laatste weken zijn het vooral de stagiairs die daar het mooie weer maken, en dus zal de oudere garde er ongetwijfeld op uit zijn om zelf ook nog iets te tonen. Greg Van Avermaet kwam sterk voor de dag in de Tour de Wallonie, maar ook Stan Dewulf is inmiddels een specialist van dit werk. Geflankeerd door Oliver Naesen, kan het voorjaarstrio een mindere maart- en aprilmaand rechtzetten.

Heel benieuwd ook naar Stan Van Tricht, die – in afwezigheid van wereldkampioen Julian Alaphilippe – allicht de renner met de meeste kansen bij Quick-Step-Alpha Vinyl is. De renner uit Boutersem zei al verschillende keren aan onze website dat we hem niet als pure sprinter moeten zien, maar dat hij wel goed een bergje over kan en zich daarin wil ontwikkelen. Wel, dan lijkt een koers als deze ideaal om dat te tonen. Eerder dit jaar werd hij ook al knap vierde in Dwars door het Hageland.

Update: in de definitieve selectie van Quick-Step – Alpha Vinyl vinden we ook Fabio Jakobsen, de winnaar van de vorige editie, terug. Voor hem wordt het nieuwe parcours allicht te veel van het goede.

Dries De Bondt is altijd gevaarlijk – foto: Cor Vos

Zijn er ook voldoende aanvallers? Absoluut. Of wat dacht u van Dries De Bondt (Alpecin-Deceuninck) en Dries Van Gestel (TotalEnergies)? Laatstgenoemde won op die manier zelfs al een andere manche van de Exterioo Cycling Cup, de Ronde van Drenthe. En De Bondt is in elke wedstrijd in eigen land die hij betwist gevaarlijk, omdat hij over een stel afwerkersbenen beschikt. Zet De Bondt in een finale, en hij zal dicht bij de zege zijn. Maar is dit terrein niet nét een beetje te lastig voor de Giroritwinnaar?

Of de klimmetjes aan het einde niet te hard zullen doorwegen, is overigens een vraag die we ons bij veel renners kunnen stellen. Al krijgen Bryan Coquard en Piet Allegaert (Cofidis) van ons het voordeel van de twijfel. Allegaert is ex-winnaar van deze koers en dus altijd gevaarlijk, terwijl Coquard al dikwijls heeft bewezen dat ze hem er niet zomaar afkrijgen. Alleen wint de Fransman zo moeilijk buiten zijn thuisland. De sprint die lichtjes bergop gaat, zou wel in zijn voordeel moeten zijn.

Verder nog een pak namen die zomaar zouden kunnen verrassen met een mooie ereplaats. Denk maar aan de kattenrappe Alberto Dainese (Team DSM), die dan wel op een niet zo lastige finale moet hopen. Of Milan Menten (Bingoal Pauwels Sauces-WB), de Limburger die juist wel van een klimmetje houdt. Andere outsiders: Søren Wærenskjold van Uno-X, Edward Theuns (Trek-Segafredo), Daniel McLay (Arkea-Samsic) en Thimo Willems (Minerva).


Favorieten volgens WielerFlits:

Website organisatie
Deelnemerslijst


Weer en TV

De renners lijken woensdag nog net aan het zwaarste deel van de aangekondigde hittegolf te ontsnappen. De temperaturen zouden volgens Weeronline desondanks kunnen oplopen tot dertig graden Celsius en van wind (maximaal 15 kilometer per uur) is er al helemaal geen sprake. Het zal dus puffen worden.

Naar goede gewoonte brengen Sporza op één, Eurosport 1 (en bij de Waalse manches ook de Franstalige RTBF) de wedstrijden van de Exterioo Cycling Cup live op het scherm. Voor deze manche zijn ze allen vanaf 15.30 present.




Lees verder op Wielerflits.nl

Deel dit nieuws :