Voorbeschouwing: Brabantse Pijl 2022 | WielerFlits

Artikel van Wielerflits:Jeen de Jong

De Brabantse Pijl (UCI 1.Pro) vormde in het recente verleden telkens de brug tussen de kasseienkoersen en de heuvelklassiekers. Dit jaar is dat iets anders, omdat we door de eenmalige kalenderwijziging de Amstel Gold Race al achter de rug hebben. Voor wereldkampioen Julian Alaphilippe begint het echter nu pas. Krijgen we een duel tussen de winnaar van 2020 en de triomfator van 2021, Tom Pidcock? WielerFlits blikt vooruit.

Historie

Wie aan de Brabantse Pijl denkt, ziet ongetwijfeld direct het heuvelachtige parcours rond Overijse en Leuven voor zich. Toch is die route nog relatief nieuw. Decennialang was Alsemberg de thuishaven van deze semiklassieker en nog eerder ging de koers van en naar Brussel. Dat laatste was ook het geval in 1961, toen Pino Cerami de eerste editie op zijn naam schreef.

Pino Cerami: gewoon een laatbloeier?
Hoewel Cerami op dat moment al tegen de 39 liep, had hij net het meest succesvolle jaar uit zijn carrière achter de rug. In 1960 won hij namelijk de Waalse Pijl én Parijs-Roubaix, waarna hij ook nog eens een bronzen plak behaalde bij het wereldkampioenschap op de weg. Dit terwijl hij in de jaren ervoor slechts zelden had kunnen zegevieren. Hij zat er wel vaak bij – ook in de grote koersen -, maar wedstrijden afmaken leek hem moeilijk af te gaan.

Wout van Aert wint de Grand Prix Pino Cerami 2017 – foto: Cor Vos

Gewoon een laatbloeier, zou je zeggen. Iemand die simpelweg wat meer tijd nodig had om zijn fysieke capaciteiten volledig te ontwikkelen. Maar er zit meer achter het late ontbolsteren van Cerami. In een interview uit 2006 – acht jaar voordat hij op 92-jarige leeftijd zal overlijden – legt de ex-renner uit waarom zijn doorbraak zo lang op zich liet wachten. Armoede, luidt het simpele antwoord. Omdat hij altijd geldproblemen had, kon hij het zich geen al te grote gehechtheid aan een palmares veroorloven.

Een gezin onderhouden
“Van roem en eer kan ik niet leven”, zei zijn mede-broodrenner Theofiel Middelkamp ooit. Cerami formuleert de sociale variant hiervan als volgt: “Ik reed voor het geld. Ik moest een gezin onderhouden. Als je won, kreeg je een winstpremie van de federatie. Maar daar kon je één of twee maanden moeten op wachten. In het buitenland, zelfs zes maanden. Voor ons betekende dat: geen eten. Terwijl als je iemand een zetje gaf of de spurt aantrok, dan kreeg je 500 of 1.000 fr. meteen in de hand.”

Het gezin dat Cerami moest onderhouden, bestond uit vijf personen: hijzelf, zijn moeder, twee broers en een zus. Zijn vader was er niet meer. Cerami senior overleed in 1943, op 45-jarige leeftijd. Een kleine twintig jaar eerder was het gezin de armoede op Sicilië ontvlucht en naar België getrokken, naar de regio van Charleroi. Daar moest Pino (kort voor Giuseppe) na de dood van zijn vader geld zien te verdienen.

Staalfabriek
“Ik ging in de staalfabriek werken, net zoals mijn vader”, vertelt Cerami, die ook na het tekenen van zijn eerste profcontract in 1947 als arbeider bij bleef verdienen. “Anders kwamen we de winter niet door. Ik werkte van november tot februari. Soms kon ik de Zesdaagse van Brussel rijden en dan moest ik niet naar de staalfabriek. Voor de zesdaagse kreeg ik 20.000 Belgische frank. Ter vergelijking: in de fabriek verdiende ik 5.100 frank per maand.”

Pino Cerami in 2008 – foto: Cor Vos

In 1956 liet Cerami zich naturaliseren tot Belg. Hij veranderde daardoor niet alleen van nationaliteit, maar indirect ook van mentaliteit, zegt hij. “In 1957 won ik de Ronde van België, wat me een plaatsje opleverde in de Belgische selectie voor de Tour de France. En dat was zeer lucratief. Ik herinner me dat we in ’57 elk met 90.000 Belgische frank naar huis zijn gekomen. Dat gaf me de financiële marge om het risico te nemen en voor de overwinning te gaan.”

En overwinningen kwamen er. Ook in zijn afscheidsjaar, 1963, mocht Cerami nog juichen. De klassiekerspecialist – “Kasseien, daar lustte ik pap van. Ik was een Bettini avant-la-lettre” – boekte op 41-jarige leeftijd zijn eerste ritzege in de Tour. Cerami is anno 2022 nog altijd de oudste winnaar van een rit in de Ronde van Frankrijk. Dankzij de financiële moeilijkheden uit het verleden, redeneerde hij in 2006.

“Ik heb een goeie gezondheid. Nu nog. Af en toe wat rugpijn, maar voor de rest voel ik me prima. Mijn geheim? We hebben nooit overvloed gehad thuis. Dat is de goeie kant van armoede.”

Veel Belgische zeges
Cerami was een fraaie eerste triomfator, maar ook daarna kwamen er nog genoeg mooie winnaars. Zo waren onder andere Jan Janssen, Herman Van Springel, Eddy Merckx, Johan De Muynck, Freddy Maertens, Roger De Vlaeminck, Adrie van der Poel, Michele Bartoli en Johan Museeuw de beste. Veel Belgische zeges dus: van de 61 edities gingen er 38 naar een thuisrijder, waarvan slechts zes sinds de eeuwwisseling.

Edwig van Hooydonck wint op de Alsemberg zijn vierde Brabantse Pijl – foto: Cor Vos

Een deel van die zeges staat op naam van Edwig Van Hooydonck. De tweevoudig winnaar van de Ronde van Vlaanderen had blijkbaar ook een abonnement op overwinningen in de Brabantse Pijl. In 1987 (op amper 20-jarige leeftijd), 1991, 1993 én 1995 triomfeerde hij op de Alsemberg. Alleen Johan Capiot, Johan Museeuw en later Oscar Freire kwamen enigszins in de buurt van de Bosberg-specialist met drie trofeeën.

Michael Boogerd, die in totaal zes keer op het podium eindigde, was twee keer de beste in de Brabantse Pijl. Hij is een van de zes Nederlanders die de koers wist te winnen. Naast Jan Janssen (1966) en Adrie van der Poel (1985), die we al noemden, mochten ook Johan van der Velde (1986), Frans Maassen (1990) en Mathieu van der Poel (2019) ooit zegevieren in Vlaams-Brabant.

Boogerd kwam in 2001 (foto) en 2003 als eerste over de streep – foto: Cor Vos

Laatste tien winnaars Brabantse Pijl
2021: flag-gb Tom Pidcock
2020: flag-fr Julian Alaphilippe
2019: flag-nl Mathieu van der Poel
2018: flag-be Tim Wellens
2017: flag-it Sonny Colbrelli
2016: flag-cz Petr Vakoč
2015: flag-be Ben Hermans
2014: flag-be Philippe Gilbert
2013: flag-sk Peter Sagan
2012: flag-fr Thomas Voeckler


Vorig jaar

In de Brabantse Pijl van 2021 kwam de vroege vlucht tot stand na ongeveer veertig kilometer. WorldTour-renners Kévin Van Melsen, Brent Van Moer, Jordi Meeus, Emmanuel Morin en Andreas Leknessund sloegen de handen ineen met de ProTour-mannen Ludovic Robeet, Julian Mertens, Bryan Coquard en Anders Skaarseth. Zij breidden hun voorsprong uit tot zes minuten, maar richting de plaatselijke ronden rond Overijse begon Jumbo-Visma het verschil langzaamaan terug te schroeven. De geel-zwarte ploeg had met Van Aert de belangrijkste favoriet aan boord.

Vlak voor de eerste passage van de aankomst anticipeerden de eerste renners in het peloton. Op die manier werd een achtervolgende groep met Rémi Cavagna, Robert Stannard, Toms Skujinš en Sven Erik Bystrøm gevormd, die later werden vergezeld door Benoît Cosnefroy, Dylan Teuns en Oscar Riesebeek. Ondertussen ging het voor Van Melsen, Morin en Coquard in de kopgroep te hard. Later ging ook Mertens overboord.

Cavagna en co anticiperen – foto: Cor Vos

Op de Hertstraat, met nog minder dan veertig kilometer te gaan, ontplofte de koers toen Tom Pidcock, Matteo Trentin en Van Aert aanvielen. Zij kwamen op de Moskesstraat bij de overgebleven vluchters en tegenaanvallers. Toen Cosnefroy en Van Aert vervolgens doortrokken, konden enkel Cavagna, Teuns, Pidcock, Stannard, Leknessund, Skujinš, Trentin en Riesebeek mee. Voor Trentin waren dat er nog altijd teveel en met nog 25 kilometer te rijden, reed de Italiaan alleen weg. Hij pakte een gaatje van twintig seconden.

Terwijl de wedstrijd aan de laatste lokale ronde van 21,9 kilometer begon, wist Ide Schelling knap over te steken naar de groep met Van Aert. Diezelfde Van Aert was de enige die meekon, toen Pidcock op de laatste beklimming van de Hertstraat demarreerde. De twee sloten op twaalf kilometer van de streep aan bij Trentin. Op dat moment hadden ze de Moskesstraat, Holstheide en de S-Bocht Overijse voor zich liggen. Met zijn drieën naast elkaar begonnen ze aan de Moskesstraat, terwijl Teuns en Cosnefroy vanuit de achtergrond naar de koplopers probeerden toe te springen.

Trentin, Pidcock en Van Aert op de Moskesstraat – foto: Cor Vos

Teuns en Cosnefroy konden samen het gaatje niet dichten, waardoor Pidcock, Van Aert en Trentin met zijn drieën bovenkwamen op de Holstheide. De winnaar moest vooraan worden gezocht. Al kwam Cosnefroy met een late aanval nog bijna aansluiten, omdat de drie mannen vooraan naar elkaar keken naarmate de finish dichterbij kwam. Toch ging het tussen Pidcock, Van Aert en Trentin. Trentin gaf zich als eerste gewonnen, waarna Pidcock Van Aert aftroefde in de eindsprint. Daarachter legde Ide Schelling beslag op de vierde plek.

Uitslag Brabantse Pijl 2021
1. flag-gb Tom Pidcock (INEOS Grenadiers)
2. flag-be Wout van Aert (Jumbo-Visma)
3. flag-it Matteo Trentin (UAE Emirates)
4. flag-nl Ide Schelling (BORA-hansgrohe)
5. flag-lv Toms Skujiņš (Trek-Segafredo)


Parcours

Sinds 2008 start de Brabantse Pijl op de Grote Markt van Leuven. Daar worden de renners dit jaar op gang geschoten voor een wedstrijd van 204,8 kilometer, een goede drie kilometer langer dan vorig jaar. Ten opzichte van de editie van 2020 is de koers zelfs met acht kilometer uitgebreid.

De eerste van die bijna 205 kilometer zijn goed te doen. Als het peloton vanuit Leuven zuidwaarts trekt, gaat het weliswaar op en af, maar hele lastige obstakels komen de coureurs nog niet tegen. Pas na 62 kilometer doemt de eerste heuvel van formaat op, de Alsemberg. Deze klassieke Brabantse Pijl-klim (van 1970 tot en met 2009 lag de finish in Alsemberg) wordt wel opgevolgd door enkele andere oude bekenden: de Sollenberg, Bruine Put, Eigenbrakelsesteenweg en de Rue de Nivelles.

Nadat de renners zijn teruggereden naar Overijse, dat ze eerder links (of rechts eigenlijk) lieten liggen, en na 118 kilometer ook de Rue François Dubois (0,9 km aan 3,9%) beklommen hebben, komen ze op de plaatselijke ronde. Hier doen ze eerst de met kasseien betegelde Hertstraat (0,7 km aan 3,7%), dan de Holstheide (1 km aan 5%), vervolgens de kasseien van de Moskesstraat (0,5 km aan 7%) en uiteindelijk de klim richting de aankomst op de Brusselsesteenweg (1,5 km aan 3,6%).

Deze aankomst wordt net als vorig jaar niet bereikt via de Schavei, zoals van 2010 tot en met 2020 het geval was, maar door de beroemde S-bocht beklimming (3,7% aan 1,3 km) op te rijden. Na de eerste finishpassage wachten er nog drie volledige rondes, waarin ook de Hagaard (300 meter aan 10%) nog is opgenomen. Deze helling ligt voor het punt waarop de renners het plaatselijke parcours betreden.

Woensdag 13 april: Leuven – Overijse (204,8 km)
Officieuze start: 12.30 uur
Officiële start: 12.37 uur
Finish: tussen 17.23 en 17.52 uur


Favorieten

Het ruilen van datum door Parijs-Roubaix en Amstel Gold Race heeft zijn invloed gehad op de deelnemerslijst van die laatste koers. Voor renners die de zaterdag geëindigde Ronde van het Baskenland reden, was het praktisch onmogelijk om zondag de Limburgse klassieker te betwisten. Velen van hen zijn er in de Brabantse Pijl echter weer bij. Het duo Remco Evenepoel en Julian Alaphilippe – een ‘superduo’ volgens Evenepoel zelf – staat bijvoorbeeld aan de start in Leuven.

Alaphilippe keert terug uit het Baskenland met twee tweede plaatsen en een overwinning op zak. De Fransman, die in Strade Bianche ten val kwam en Milaan-San Remo moest missen vanwege ziekte, gaf dus blijk van een groeiende vorm. Deze zal hij bij voorkeur willen verzilveren door een vierde Waalse Pijl en een eerste Luik-Bastenaken-Luik op zijn palmares bij te schrijven, maar een tweede zege in de Brabantse Pijl zal Loulou ook niet laten liggen.

Julian Alaphilippe won rit twee in de Ronde van het Baskenland – foto: Cor Vos

Evenepoel verloor zijn leiderstrui op de slotdag van de Ronde van het Baskenland, maar zal de zesdaagse rittenkoers niet met een negatief gevoel afgesloten zijn. Zijn vierde plek in de eindrangschikking biedt perspectief voor de komende weken. Te beginnen in de Brabantse Pijl, waar Quick-Step Alpha Vinyl ook nog Mauri Vansevenant, Mauro Schmid en Rémi Cavagna opstelt. Stuk voor stuk zelf kanshebbers, indien ze wat vrijheid krijgen.

Quick-Step-Alpha Vinyl is een van de dertien WorldTeams aan het vertrek, naast acht ProTeams. Bij die WorldTeams geen Jumbo-Visma, maar wel INEOS Grenadiers en UAE Emirates. Beide topploegen zakken met een straffe selectie naar Vlaams-Brabant af.

UAE heeft Marc Hirschi, Alessandro Covi en Matteo Trentin in de gelederen. Ondanks zijn gemankeerde voorbereiding – hij onderging in de winter een heupoperatie – is Hirschi van hen misschien wel de sterkste momenteel. De laatste weken reeg de Zwitser de ereplaatsen aaneen in wat kleinere koersen, maar zijn negende plaats in de Amstel Gold Race laat zien dat hij er ook in de grote koersen weer staat. Matteo Trentin was in die laatste koers ook in orde en kan de Brabantse Pijl ook perfect aan. Vorig jaar werd hij immers derde.

Hirschi werd negende in de Amstel Gold Race – foto: Cor Vos

Destijds eindigde Trentin achter Wout van Aert én winnaar Tom Pidcock. Laatstgenoemde is nu weer een van de grote favorieten is. Het voorjaar van de Brit verloopt niet vlekkeloos, maar nu zijn maagproblemen achter de rug lijken, doet hij keer op keer weer mee van voren. Na een ietwat mindere Ronde van Vlaanderen, reed hij in de Amstel Gold Race opnieuw een sterke koers. Hij vervulde een belangrijke rol in de ploegentactiek van INEOS, dat als collectief trouwens imponeerde in de Limburgse heuvels. En dan was Ethan Hayter er nog niet eens bij.

De gevierde man bij de Britse formatie in de Limburgse klassieker was Michał Kwiatkowski, die zijn tweede Amstel Gold Race binnenhengelde. Opvallend genoeg betwistte de Pool de Brabantse Pijl nog maar één keer, in 2020. De inmiddels 31-jarige Kwiatkowski werd toen zesde.

Derde in die editie was Benoît Cosnefroy, Kwiatkowski’s directe tegenstander in de finale van de Amstel Gold Race van afgelopen weekend. De Fransman waande zich zondag heel eventjes de winnaar, totdat de jury de fotofinish erbij haalde en concludeerde dat hij toch geklopt was. Cosnefroy onderging het opvallend gelaten. Zijn sterke optreden zal hem het vertrouwen hebben gegeven dat hij gauw revanche zal kunnen nemen.

De millimetersprint tussen Kwiatkowski en Cosnefroy – foto: Cor Vos

De goede prestatie van Cosnefroy in de Amstel Gold Race kwam niet als een gigantische verrassing, maar niet veel mensen zullen de top-5-klassering van Alexander Kamp aan hebben zien komen. De Deen van Trek-Segafredo kon op de Keutenberg knap aanklampen bij een elitegroepje en beschikte na ruim 254 kilometer ook nog over een paar rappe benen. Hij hield zelfs Michael Matthews achter zich, die genoegen moest nemen met een zevende plek.

Bling rijdt overigens een behoorlijk voorjaar en wist in de Ronde van Catalonië al een ritje mee te pikken. Een echt grote vis ontbreekt echter nog. Gaat het in de Brabantse Pijl (waar hij twee keer tweede werd) gebeuren voor de Australiër?

Met Mathieu van der Poel, de winnaars van 2019, hoeft Matthews alvast niet af te rekenen. Net als Wout van Aert en Kasper Asgreen komt de Nederlander pas weer in actie in Parijs-Roubaix. Alpecin-Fenix vaardigt daardoor geen uitgesproken favoriet af, al moet Stefano Oldani – achtste in de Drôme Classic, tweede in de Volta Limburg Classic – niet onderschat worden.

Matthews aan het feest in de Ronde van Catalonië – foto: Cor Vos

Die andere Belgische ploeg, Lotto Soudal, heeft dan weer twee oud-winnaars in het team. Philippe Gilbert, die zijn laatste Brabantse Pijl rijdt, kwam in 2011 en 2014 als eerste over de streep. Tim Wellens deed dat in 2018. Laatstgenoemde begon dit seizoen (zoals vrijwel elk seizoen) uitstekend, maar moest in Tirreno-Adriatico opgeven wegens ziekte.

Inmiddels heeft de Belg alweer wat koersen in de benen en zagen we hem in de Amstel Gold Race opnieuw in de vuurlinie. Om in de Brabantse Pijl mee te doen voor de zege, moet er echter nog wel een stapje bij. Dat geldt ook voor Wellens Deense ploeggenoot Andreas Kron, die deze koers echter wel goed aan zou moeten kunnen.

Quinten Hermans en Kobe Goossens hebben ook de kwaliteiten om op dit terrein mee te spelen, maar beide renners van Intermarché-Wanty-Gobert stapten onlangs ziek uit de Ronde van het Baskenland. Hermans was enkele dagen voordien nog wel derde geworden in de tweede rit. Een grotere Belgische kanshebber lijkt echter bij een niet-Belgische ploeg te rijden: Dylan Teuns. Na zijn zesde plaats in de Ronde van Vlaanderen, werd de renner van Bahrain Victorious zondag tiende in de Amstel Gold Race. Hij miste op een haar na de aansluiting bij Kwiatkowski en Cosnefroy, het duo dat voor de overwinning ging strijden.

Teuns tijdens de Ronde van Vlaanderen – foto: Cor Vos

Bahrain Victorious heeft ook nog Fred Wright, die in de Ronde van Vlaanderen verraste met een zevende stek. In de AGR kwam de Brit overigens wel weer met beide voetjes op de grond: hij haalde de finish niet. Warren Barguil en Michael Valgren deden dat wel, maar zaten niet mee in de eerste groep. Ze werden respectievelijk 21ste en vijftiende. Barguil won onlangs wel een rit in Tirenno-Adriatico en de Gran Premio Miguel Indurain, terwijl ook Valgren verre van slecht rijdt. Echt opvallen doet de Deen evenwel nog niet. Komt daar in de Brabantse Pijl verandering in?

Tobias Halland Johannessen is ook nog iemand om op te letten. De winnaar van de meest recente Tour de l’Avenir noteerde in de Ronde van Vlaanderen een DNF, maar rijdt voor de rest een uitstekend voorjaar. Ide Schelling, die vorig jaar zeer sterk reed in de Brabantse Pijl, begon het seizoen een stuk minder, maar wees niet verbaasd als hij toch weer ten aanval trekt. Dion Smith (BikeExchange-Jayco), Franck Bonnamour (B&B Hotels-KTM), Rémy Mertz en Arjen Livyns (Bingoal Pauwels Sauces WB) zijn ook nog mannen die we mogelijk van voren zien.


Favorieten volgens WielerFlits
**** Julian Alaphilippe
*** Tom Pidcock, Benoît Cosnefroy
** Remco Evenepoel, Michał Kwiatkowski, Michael Matthews
* Matteo Trentin, Marc Hirschi, Ethan Hayter, Dylan Teuns

Website organisatie
Deelnemerslijst


Weer en TV

Volgens Weeronline krijgen de renners woensdag te maken met prettige weersomstandigheden. Wanneer rond 12:30 het startschot klinkt, is de temperatuur een graad of 13. Onderweg warmt het nog een paar graden verder op en gaat het kwik zelfs richting 20 graden. Wanneer de renners rond 17:30 uur finishen in Overijse is het geleidelijk afgekoeld naar 16 graden.

De wind is zuidwest tot west en dit betekent dat het eerste deel van de koers met tegenwind te maken heeft. Gelukkig is de wind hooguit matig van kracht en blijft het bij 2 of 3 Beaufort. Een kleine kans op neerslag is nog steeds aanwezig in de weersverwachting. Zoals het er nu naar uitziet gaat het om enkele lichte buien. Het is nog even de vraag of die precies het parcours gaan aandoen deze woensdag.

De Brabantse Pijl is live te zien op Eurosport en bij Sporza op Eén. Sporza komt met beelden vanaf 15.00 uur, een halfuurtje later kun je de koers ook volgen op Eurosport 1 of via Eurosport Player.




Lees verder op Wielerflits.nl

Deel dit nieuws :