Tom Dumoulin: zijn carrière in hoogte- en dieptepunten

Artikel van Wielerflits:Youri IJnsen

Special

Vrijdagmiddag werd de wielerwereld toch verrast met een bericht van Tom Dumoulin. De 31-jarige kopman van Jumbo-Visma stopt ermee aan het einde van het jaar. Daarmee komt er een eind aan de carrière van een van de beste Nederlandse wielrenners ooit. WielerFlits zet zijn hoogte- en dieptepunten op een rij.

Tom Dumoulin (Maastricht, 11 november 1990) maakt pas op 15-jarige leeftijd kennis met de racefiets. Pas nadat hij uitgeloot was voor de studie geneeskunde, besluit de Limburger – zoon van academici – zich op het wegwielrennen te storten. Na relatief onzichtbare jaren als junior, maakt hij in 2009 de transitie naar de beloften bij PPL-Belisol. Een jaar later gaat die ploeg verder als Parkhotel Rooding. Tot zijn eigen verbazing roept toenmalig bondscoach Aart Vierhouten hem op voor de GP Costa Azul, een driedaagse UCI Nation’s Cup U23-koers in Portugal. Dumoulin wil er voor een ritzege gaan en leent een tijdritfiets van een vriend.

Winst in de individuele tijdrit van de Giro d’Italia voor beloften van 2010 – foto: Cor Vos

De Portugese rittenkoers eindigt namelijk met een individuele chrono. De Limburger wordt in de eerste etappe tweede, gevolgd door een negende plek in de tweede rit. Dan volgt de tijdrit op een fiets waarop hij pas één keer gereden heeft. Dumoulin wint niet alleen de tijdrit, maar ook de ronde. Het startschot van zijn carrière. Nog datzelfde seizoen wint hij de individuele tijdrit in de Ronde van Italië voor beloften en eindigt hij op het WK in het Australische Geelong als zevende op het WK tijdrijden U23. Het Zwitserse Cervélo TestTeam biedt hem zelfs een profcontract aan, maar dat vervalt als die ploeg ophoudt te bestaan.

Dumoulin kiest vervolgens voor de opleidingsploeg van Rabobank. Hij wint weliswaar de vermaarde beloftenkoers Le Triptyque des Monts et Chateaux en eindigt als zestiende in de Ronde van de Toekomst, toch rijdt hij dat jaar vooral in dienst van toenmalige toptalenten Wilco Kelderman, Jetse Bol en Coen Vermeltfoort. Als Merijn Zeeman – toen nog sportief manager bij Skil-Shimano – bij Harold Knebel polst welke renners doorstromen naar de profploeg van Rabobank, krijgt hij Bol en Vermeltfoort als antwoord. Zeeman handelt snel en haalt Ramon Sinkeldam én Dumoulin naar de ploeg die in 2012 Project 1t4i gaat heten.

In 2012 in de wit-groen-zwarte kleuren van Project 1t4i – foto: Cor Vos

2014: Het jaar van de doorbraak

Na enkele veelbelovende resultaten in zijn jaren als neoprof, breekt Dumoulin op het hoogste podium definitief door in 2014. Alleen toenmalig wereldkampioen Tony Martin houdt hem van de zege in de Ronde van België en dat blijkt een opmaat naar meer. Dumoulin kroont zich een maand later voor het eerst tot Nederlands kampioen tijdrijden. In het rood-wit-blauw kan alleen diezelfde Martin de dan 23-jarige Dumoulin verslaan in de slottijdrit van de Tour de France. Er volgt een ijzersterk najaar met een nieuwe podiumplek in de Eneco Tour (dat deed hij een jaar eerder ook al), een tweede plaats in de GP Québec en brons op het WK tijdrijden in Ponferrada. Zijn eerste vier profzeges zijn een feit.

2015: Cumbre del Sol maakt van tijdritspecialist een ronderenner

In het jaar 2015 probeert hij te kijken hoe hij het ervan afbrengt als ronderenner. Een eerste test in Parijs-Nice valt door ziekte in het water, maar in de Ronde van Zwitserland bewijst hij zichzelf. De Limburger eindigt er als derde in het eindklassement, waarna hij zich vol richt op de openingstijdrit van de Tour in Utrecht. Voor het eerst in ruim twintig jaar wil de tijdrijder weer eens een Nederlandse gele trui bewerkstelligen. Nadat hij op het NK tijdrijden een eerste opdoffer te verwerken kreeg (vierde), zijn er ook in de Tour vier man sneller. Zijn gele droom gaat definitief de prullenbak in als hij in de derde rit zijn sleutelbeen breekt bij een val.

Een uitbarsting van blijdschap op Cumbre del Sol in de Vuelta a España van 2015 – foto: Cor Vos

Zonder een gedegen voorbereiding trekt hij daarna naar de Ronde van Spanje. In de eerste ritten is hij veel beter dan verwacht en op de vijfde dag verovert hij de rode leiderstrui. Een rit daarna moet hij die wel inleveren, maar dan breekt rit negen aan. Dumoulin verbaast vriend en vijand door lang bergop mee te gaan op de Cumbre del Sol. De Limburger plaatst in de slotfase een demarrage, maar in de laatste paar honderden meters halen topfavorieten Chris Froome en Joaquim Rodríguez hem terug. Dumoulin haalt echter nog een keer de sloophamer boven en passeert beiden een tweede keer: ritwinst plus de rode leiderstrui.

De renner van dan Giant-Alpecin besluit om vol voor het klassement te gaan. Pas op de voorlaatste dag – een bergrit – lukt het de klimmers om de tijdritspecialist uit het rood te rijden. Hij eindigt uiteindelijk als zesde in het eindklassement, maar de ronderenner Tom Dumoulin is geboren.

2016: Roze in Apeldoorn, Tourritten en olympisch zilver

Met het oog op de Olympische Spelen besluit de Nederlander zich in 2016 opnieuw te focussen op het tijdrijden. Na een voorjaar zonder uitschieters, behaalt hij in Apeldoorn zijn eerste grote doel. Dumoulin pakt – weliswaar zeer nipt tegen de dan opzienbarende Primož Roglič – de roze leidertrui in de Giro d’Italia door de openingstijdrit te winnen. In de dagen nadien blijft hij leiden en ook in de eerste lastige etappes kan hij wedijveren met de klassementsrenners. Nadat hij door ongunstige weersomstandigheden in de tweede tijdrit het roze niet kon heroveren, speelt een zitvlakblessure hem in de eerste bergrit parten. Hij geeft op en verlegt zijn focus naar de Tour de France.

Dumoulin trotseert weer en wind op Andorra Arcalis in de Tour de France van 2016 – foto: Cor Vos

Nadat hij in Middelharnis zijn Nederlandse titel tijdrijden heroverde, gaat hij opnieuw voor geel in de openingsdagen van de Tour. Nadat hij in de vijfde etappe al vroeg moet passen in het Centraal Massief, richt Dumoulin zich op ritzeges. Vier dagen later soleert de Limburger vervolgens in de regen en hagel naar winst op Andorra Arcalis, de koninginnenrit van de Tour dat jaar. Vijf dagen later zet hij ook de eerste individuele tijdrit naar zijn hand. Nadat hij in de tweede chrono alleen Chris Froome moest voorlaten, krijgt hij een enorme tegenvaller te verwerken in de negentiende etappe: bij een val breekt Dumoulin zijn spaakbeen.

Daarmee komt het hoofddoel van hem in gedrang. Twintig dagen later staat immers zijn hoofddoel op het programma: de olympische tijdrit in Rio de Janeiro. Dankzij een speciaal ontworpen spalk kan hij – ondanks een gebroken spaakbeen – toch deelnemen aan de Olympische Spelen. Op een heuvelachtig terrein kan hij door zijn gebrekkige voorbereiding niet voorkomen dat Fabian Cancellara zijn tweede olympische titel in de wacht sleept. Ondanks dat Dumoulin teleurgesteld is met zilver, zegt hij tegelijkertijd trots te zijn.

Zilver in de olympische tijdrit van de Spelen van 2016 in Rio – foto: Cor Vos

2017: De eerste Nederlandse Giro-winnaar en wereldkampioen tijdrijden ooit

In 2017 gaat Tom Dumoulin verder met waar hij in 2015 geëindigd was: ontdekken waar zijn grenzen liggen in een eindklassement van een grote ronde. Hij maakt een doel van de Giro en gaaat meer bergop trainen. Na een sterk voorjaar begint hij als outsider voor het podium aan de Ronde van Italië. Nadat hij de eerste ritten zonder kleerscheuren doorkwam en op de Etna zelfs aanviel, moet hij in de negende rit met aankomst op Blockhaus de beste klimmers laten gaan. Op eigen tempo achterhaalt hij hen echter één voor één, om na Nairo Quintana en Thibaut Pinot als derde te eindigen. Dumoulin werkt zich op naar plek drie in de stand.

De tiende etappe is vervolgens een tijdrit van bijna veertig kilometer. De kopman van Giant-Alpecin wint soeverein, verovert de roze leiderstrui en zet naaste belager Quintana op bijna tweeënnhalve minuut achterstand. Het is vervolgens uitkijken naar de veertiende rit, met aankomst op Oropa. Waar Dumoulin in de eerste bergetappes nog geen zekere indruk gaf, laat hij op Oropa zien dat hij volledig is omgebouwd tot klassementsrenner. De Nederlander toont zich onoverwinnelijk, zet al zijn concurrenten een hak en wint. In de ritten erna komt Quintana steeds dichter, met een afsluitende tijdrit in het achterhoofd.