Tadej Pogacar wil gele trui niet afgeven: “Misschien krijg je hem nooit meer terug”

Artikel van Wielerflits:Youri IJnsen

Tadej Pogacar wil gele trui niet afgeven: “Misschien krijg je hem nooit meer terug”

Interview

Topfavoriet Tadej Pogačar veroverde al na zes ritten de gele leiderstrui in de Tour de France 2022. Afgelopen weekend was een kans om het tricot weg te geven, vooral ook omdat zijn ploeg tot op dat moment een niet al te sterke indruk maakte én ze met Vegard Stake Laengen al een renner kwijt zijn. “Maar het is voor ons juist gemakkelijker om aan de leiding te staan”, vertelt Pogačar in een online persbabbel waarbij WielerFlits aanwezig was.

De 23-jarige Sloveen zat er ontspannen bij en genoot zichtbaar van de rustdag. “Ik heb wat geslapen en ben rustig opgestaan. Daarna ben ik op mijn gemak naar het ontbijt gegaan. Vervolgens hebben we de benen los gefietst tijdens een rit van anderhalf uur. Toen hebben we wat ruimte in onze dag gebouwd om even in de zon te liggen, dat was gezellig. Daarna hadden we een lunch zonder koolhydraten. Nu (maandagmiddag tussen half vier en vier uur, red.) heb ik deze persconferentie met jullie, daarna krijg ik een massage én laat ik mijn haar knippen”, lacht hij. “En daarna volgen nog het diner en dan gaan we alweer naar bed.”

Wel geeft hij aan dat hij het lastig vindt om als leider van UAE Emirates op te treden, hoewel hijzelf een soevereine indruk maakt. “We hebben een lastige week achter de rug, maar dat geldt voor vrijwel alle kopmannen. Stress, tijdrit, sprints, kasseien. Het was best zwaar. Ik was dan ook blij met de rustdag. Onze prestaties als ploeg kan ik niet managen. Ieder individu moet dat zelf doen. Ik ben niet de man die zijn ploeggenoten dicteert wat ze moeten doen. Ze zijn ervaren genoeg om dat als mens zelf te bepalen. We komen sterk voor de dag, de jongens zijn goed en we zijn allemaal gemotiveerd voor de komende week.”

Pogačar vermaakt zich kostelijk in het geel – foto: Cor Vos

Het verdedigen van het geel
Die hij start in de gele leiderstrui, terwijl de Tour nog twee weken duurt. Of hij er niet aan gedacht heeft het tricot kwijt te spelen afgelopen weekend? “Zondag hebben we daarover nagedacht. Maar mijn ploeggenoten houden net zo van de gele trui als dat ik dat doe. Het is niet iets dat je zomaar weggeeft. Iedereen denkt dat zoiets goed is, omdat wij als team zo hard moesten werken. Maar vergeet niet dat wij ons heel het jaar voorbereiden op die verantwoordelijkheid. Je weet ook nooit – zeker nu met corona – wanneer je naar huis moet. De trui weggeven is geen goed idee, want misschien krijg je hem nooit meer terug.”

“Je zegt ook nooit ‘nee’ tegen de gele trui”, gaat het Sloveense wonderkind verder. “Het is zo speciaal om die te mogen dragen. Als er een koers is, wil ik altijd mijn best doen. Dus ook in de Tour de France. Het is nooit slecht om de trui al vroeg in de ronde te nemen. Je kunt beter een stap vooruit zijn, dan achter de gele trui aanlopen. We staan nu op pole position. Wij kunnen nu de wedstrijd controleren, omdat we juist alles in eigen hand hebben. Dat is voor mij toch iets gemakkelijker en ook voor onze ploeg. Ik geniet van het geel, ik vind het leuk om erin te rijden. Ik hoop dan ook dat ik het geel vanaf nu kan vasthouden tot in Parijs.”

Pogačar won deze Tour alweer twee etappes en staat sinds donderdag dus in het geel. Hoewel nooit iemand meer aan de erelijst van Eddy Merckx – de beste coureur allertijden – zal tippen, krijgt de Sloveen regelmatig met een vergelijking te maken. Of-ie zichzelf als kannibaal ziet, omdat hij altijd maar wil zegevieren. “Maar wie wil er nu niet altijd winnen?”, grijnst hij. “Al zie ik mezelf niet als een kannibaal. Zondag ging het er meer om dat we een tempo onderhielden dat we in ons team allemaal prettig vonden. Voor ons was dat een goede dag. We hebben de vlucht gecontroleerd, maar zij waren te sterk om terug te halen.”

Pogacar high-five’t met zijn ploegmaats – foto: Cor Vos

Hét gevecht in de bergen met Vingegaard
Met een krachtsexplosie in de laatste 250 meter pakte Pogačar daar, behoudens Jonas Vingegaard, wel op alle concurrenten minstens drie seconden. De Deen is wel de grote uitdager, die zelfs zegt in de hitte sterker te zijn dan de Sloveen en ook de langere beklimmingen lijken de wat kleinere Vingegaard beter op het lijf te zijn geschreven. “Ik weet niet of dat zo is, daarop krijgen we komende dagen een antwoord. We hebben een paar beklimmingen gehad, maar die waren niet ontzettend moeilijk. De ritten naar de Col du Granon en Alpe d’Huez zullen zwaar zijn. Ik heb best veel vertrouwen in mijn eigen vorm.”

De jongeling kijkt vooral uit naar de rit van donderdag met aankomst op ‘De Nederlandse Berg’, Alpe d’Huez. “Dat is een iconische beklimming. Het zal een erg zware rit zijn met hete weersomstandigheden onderweg. Net als de dag ervoor, trouwens. Ik denk dat de rit naar Alpe d’Huez interessant zal zijn. Het zal uitdraaien op een legendarische rit, denk ik. Leuk voor jullie om op televisie naar te kijken. Maar voor de renners zal het geen pretje zijn.”



Lees verder op Wielerflits.nl

Deel dit nieuws :