Tadej Pogacar: “Op iedere klim die er is, moet ik proberen aan te vallen”

Artikel van Wielerflits:Youri IJnsen

Interview

Jumbo-Visma en diens kopman Jonas Vingegaard staan een hevige week te wachten. Hoewel nummer twee Tadej Pogačar twee minuten en 22 seconden achterstaat, is de tweevoudig Tourwinnaar niet voornemens de strijdbijl te begraven. “Een samenwerking met INEOS Grenadiers zie ik niet zitten, ik rijd mijn eigen koers”, vertelt hij in een online persconferentie waarbij WielerFlits aanwezig was.

Dat hij zal blijven aanvallen, vertelde hij. “Ik zal iedere mogelijkheid moeten grijpen. Op iedere klim moet ik proberen om aan te vallen. Het devies is best simpel: zo hard mogelijk alle beklimmingen oprijden en proberen vanaf nu iedere dag een beetje tijd terug te nemen. Het zal moeilijk zijn, maar ik geloof dat het mogelijk is om in mijn missie te slagen. Ik zal alles geven en hopelijk heb ik naderhand geen spijt van wat ik gedaan heb. Als ik op Alpe d’Huez dieper was gegaan en meer vertrouwen had gehad, had ik daar al tijd kunnen winnen.”

Pogačar denkt dat er vooral de komende drie dagen veel kan gebeuren. “Iedereen begint een beetje vermoeid te raken, zowel fysiek als mentaal. Als je een slechte dag hebt, heb je het zitten. Qua aantallen zijn onze ploegen na het wegvallen van Primož Roglič en Steven Kruijswijk weer in balans. We weten hoe lastig het was toen we Vegard Staken Laengen en George Bennett zijn kwijtgeraakt. We hebben te lang met zes renners moeten rijden en dat zal nu ook niet gemakkelijk zijn voor Jumbo-Visma. Dat maakt de koers voor hen moeilijker.”

Pogacar bestookte Vingegaard al op Alpe d’Huez en hier op Mende – foto: Cor Vos

De Sloveen is voornemens om in de Pyreneeën zijn gehele achterstand op Vingegaard weg te poetsen. “Dat zal ook wel moeten met het oog op de tijdrit”, zegt de UAE-kopman. “Jonas is daar heel erg goed in. Ik ken het parcours in Rocamadour, ik heb het twee keer verkend. Het zit in mijn hoofd. Maar ik ga daar niet op gokken. Ik ga er alles aan doen om een halve minuut tot twee minuten vóór de tijdrit terug te winnen op Vingegaard. Het gat moet op die dag zo klein mogelijk zijn. Als je alles zet op de laatste tijdrit, dan gaat het niet lukken.”

Samenwerking met INEOS niet im frage
“Jumbo-Visma zal verdedigend koersen komende week”, gaat hij verder. “Dat is ook logisch, want ik moet hen aanvallen. In de Pyreneeën wachten ons nog ontzettend lastige ritten. Ik verwacht daarom ook man-tegen-man-gevechten. Iedereen zal alles geven, ik verwacht iedere dag koers vanaf kilometer nul. Of ik ga samenwerken met INEOS Grenadiers en Geraint Thomas? Ik zie zo’n alliance niet voor me. Zij staan er goed voor met drie renners in de top-10. Als zij aanvallen, is dat voor mij beter omdat Jumbo dan moet reageren.”

Pogačar meent echter dat de Britten voor het podium rijden en niet zozeer voor de eindzege. “Ik weet alvast niets van een samenwerking tussen hen en ons. Ik ga in ieder geval mijn eigen wedstrijd rijden. Op dit moment geldt Vingegaard als de topfavoriet voor het geel, zondag in Parijs. Hij staat meer dan twee minuten voor. Er doen nog acht renners mee voor het eindpodium. Iedereen kan een keer breken en veel tijd verliezen. Jonas heeft een groot voordeel, maar er zijn toch nog een heel aantal renners die de Tour kunnen winnen.”

Pogacar kijkt niet om naar Thomas, verzekert hij ons – foto: Cor Vos

Hijzelf hoort daar uiteraard ook bij. “Uiteraard zal ik 100% van mezelf geven. Alles wat in mijn macht ligt, zal ik in de koers proberen om het geel terug te winnen. Ik zal aanvallen en hopelijk daarmee tijd winnen. Mocht ik uiteindelijk toch als tweede of derde eindigen in Parijs, dan is dat niet het einde van de wereld. Ik ben al twee keer in het geel Parijs binnengereden. Een tweede plaats is nog altijd heel erg goed, met daarbij dan automatisch ook de witte trui van het jongerenklassement. Maar tot die tijd denk ik aan geel. Ik geef niet op.”

Sprintjes
De jongeling kwam ook nog even terug op de vele sprintjes die hij aan het eind van iedere etappe trekt. Jumbo-Visma keek er eerder al van op en Geraint Thomas spurtte op Alpe d’Huez al hoofdschuddend achter hem aan, waarmee hij zich leek af te vragen waarvoor die inspanningen nog dienen. “Je sprint tot de lijn, dat is wat ik altijd geleerd heb. Dat is hoe je moet koersen. Verder wil ik daar niet echt op in gaan, eigenlijk”, lacht de titelverdediger.



Lees verder op Wielerflits.nl

Deel dit nieuws :