Mathieu van der Poel richt vizier op Parijs-Roubaix: “Dan hopelijk weer een superdag”

Artikel van Wielerflits:Youri IJnsen

Mathieu van der Poel richt vizier op Parijs-Roubaix: “Dan hopelijk weer een superdag”

Interview

Mathieu van der Poel kon leven met zijn vierde plek in de Amstel Gold Race. De 27-jarige Nederlander van Alpecin-Fenix voelde zich minder sterk dan een week eerder in de Ronde van Vlaanderen, maar dat had hij zelf al ingecalculeerd. “Het was een beetje jammer dat ik het podium net mis, maar het is wat het is. Je kunt ook niet alles winnen, hè”, aldus MVDP. Na afloop stond hij in het Nederlands, Engels en het Frans de verzamelde pers te woord.

Door die nieuwe lus bij de Kruisberg lukte het INEOS Grenadiers om het helemaal uit elkaar te rijden. Hoe heb jij dat ervaren?
“Dat was nu 100% anders, inderdaad. Ik vind het wel een goede verandering. Als je op de Kruisberg met de hele groep op kop zit, dan doe je de rest zeker even veel pijn als je eigen ploeggenoten. Maar ik moet zeggen dat de Amstel Gold Race altijd een zware wedstrijd is, zelfs als het een gecontroleerde koers is. Dat doet al pijn. De beslissende move op de Keutenberg was best oké, maar ik besefte door de samenstelling aldaar dat er veel gevaar in de kopgroep schuilde.”

Hoe moeilijk had jij het op de Keutenberg?
“Het ging daar echt enorm snel. Ik wilde mezelf niet vergalopperen, omdat ik weet dat ze op die uitloper vaak een beetje stilvallen. Dat gebeurde nu ook. Ik denk dat de rest daar misschien net iets boven hun limiet reed, terwijl ik op mijn eigen tempo naar boven ben gereden. Zo wist ik zeker dat ik niet hoefde te passen. Het was pas de tweede keer dat ik de Amstel reed, maar ik weet dat het voor mij een heel moeilijk punt is om daarover te geraken. Nu lukte dat eigenlijk vrij oké.”

Hoe heb jij de beslissende move was van Michał Kwiatkowski beleefd?
“Hij reed een beetje op kousenvoeten weg. Ik wist dat hij met Tom Pidcock het gevaarlijkste duo in de kopgroep was. Maar ik ga niet op alles reageren. Ga ik Kwiatkowski terughalen, dan springt Pidcock achter mijn rug weg.”

“Ik moest een beetje beslissingen nemen, want ik had niet de benen om op alles te reageren. Na die aanval was voor mijn gevoel ook niet direct een gelopen race, omdat we nog met een aantal goede renners samen zaten. Ik ben er wel in blijven geloven, maar plek vier was het hoogst haalbare.”

foto: Cor Vos

Kun je leven met die vierde plek?
“Ik ben zeker tevreden met mijn koers, ja. Vooral INEOS Grenadiers was onderweg indrukwekkend. Zij namen het overwicht. In de finale was het uiteindelijk moeilijk, omdat iedereen best veel naar elkaar keek. En ik ga ook niet op alles reageren, daar had ik ook de benen niet voor. Het werd daarna wat tactisch en toen moest ik een beetje gokken. En verloren, dus. Ik heb in ieder geval geen spijt van mijn keuzes. Ik was waar ik wilde zijn en ik ben blij dat ik weer van voren mee koerste.”

Wat heeft de conditie je geleerd zondag?
“Dat ik eigenlijk wel heel goed was. Maar de Amstel Gold Race ligt me niet net zo goed als de Ronde van Vlaanderen, denk ik. Maar ik was zeker weer in orde. Uiteindelijk heb je wel echt een superdag nodig om hier te kunnen winnen. Dit is lijkt toch net iets meer op klimmen, terwijl je de kasseihellingen in Vlaanderen meer zittend doet. Dat ligt me iets beter. Maar ik denk dat ik tevreden mag zijn. Het was plezant om voor eigen publiek te koersen en ik zag ook dat de ploeg heel goed was.”

En met het oog op Parijs-Roubaix?
“Niet veel, want dat is natuurlijk een heel andere koers. Ik weet dat de vorm nog niet weg is en dat ik zo moet blijven doordoen. Ik heb nog een week om hiervan te herstellen en daar naartoe te werken. Hopelijk heb ik dan weer een superdag. Na de Ronde van Vlaanderen voelde ik een beetje decompressie. Het is moeilijk om te zeggen of ik minder goed was, want de Amstel Gold Race is een andere koers en tegen andere renners. Maar hopelijk ben ik volgende week weer terug 100%.”



Lees verder op Wielerflits.nl

Deel dit nieuws :