Fiets aan de Wilgen 2022: Alejandro Valverde – Geboren om te winnen

Artikel van Wielerflits:Jeen de Jong

Speciaal voor het afscheid van enkele wereldtoppers haalt WielerFlits de reeks Fiets aan de Wilgen onder het stof vandaan. Een reeks waarin we terugblikken op de carrières van coureurs die tijdens of na afloop van dit seizoen hun koersfiets aan de spreekwoordelijke wilgen hebben gehangen. In deze aflevering staat Alejandro Valverde centraal.

Alejandro Valverde Belmonte werd op 25 april 1980 geboren om wielerwedstrijden te winnen. Toen hij nog te jong was om deze wedstrijden te rijden (en er dus nog tegenstanders waren om te verslaan), duelleerde hij met zichzelf. Dat deed hij in Las Lumbreras de Monteagudo, het dorpje in Murcia waar hij opgroeide. Zijn buren zagen de kleine Valverde oneindig vaak de hellende Calle Dámaso Alonso op en neer fietsen. “Hij ging de straat bijna sneller omhoog dan naar beneden en raakte nooit verveeld”, zei vader Juan onlangs tegen La Verdad.

El Imbatido
Juan, in die tijd zelf nog een amateurrenner, goot zijn zoon de liefde voor de koers met de paplepel in. Op zesjarige leeftijd kreeg Alejandro zijn eerste fietsje om de Calle Dámaso Alonso mee op te vlammen, drie jaar later ging hij echt koersen. In zijn allereerste wedstrijd eindigde hij tot zijn teleurstelling als tweede, achter een rennertje dat alles won in de regio, maar een paar dagen later nam Valverde al revanche. Hij klopte de schijnbaar onklopbare jongen.

Valverde zou de status van zijn vroege rivaal nadien overnemen. Tussen zijn elfde en veertiende verloor hij geen enkele wedstrijd, vertelde hij in 2005 aan Marca. Hoeveel koersen hij in deze periode precies won, kon hij zich tien, vijftien jaar later niet meer herinneren. Hij was de tel kwijtgeraakt. Het waren in ieder geval dermate veel dat hij de bijnaam El Imbatido kreeg. De onverslaanbare.

De stap naar de profs
We maken een sprong in de tijd, naar 2002. Dat jaar werd de 21-jarige Valverde beroepswielrenner bij Kelme-Costa Blanca. In zijn debuutseizoen liet hij bij vlagen al zijn klasse zien, maar de daadwerkelijke doorbraak kwam in 2003. Nadat hij in de Ronde van het Baskenland zijn eerste profzege boekte – hij was sneller dan Davide Rebellin in de derde etappe – en de maanden daarop nog verschillende overwinningen meepikte, kwam hij helemaal tot ontbolstering in de Vuelta a España. Hij won twee bergetappes en werd derde in de eindrangschikking. Het was het begin van een gelukkig huwelijk.

Valverde is na de tijdrit in Toledo zeker dat hij de Vuelta 2009 wint – foto: Cor Vos

Valverde zou in totaal zestien keer starten in de Vuelta. Veertien keer reed hij de ronde uit, twaalf keer eindigde hij in de top-tien, zeven keer bij de eerste drie en eenmaal – in 2009 – werd hij eindwinnaar. Ook heeft hij er twaalf ritten op zijn naam staan. In de Giro d’Italia en Tour de France was Bala misschien wat minder succesvol, maar ook daar wist hij zijn stempel te drukken. Hij staat – hoe kan het ook anders – in het lijstje met renners die in alle drie de grote rondes een etappe wisten te winnen.

Tour de France
In de Giro, die hij slechts tweemaal zou rijden, debuteerde hij in 2016 met een ritzege en een derde plek in het eindklassement. In de Tour kende hij meerdere hoogtepunten. Bij zijn eerste deelname, in 2005, won hij bijvoorbeeld meteen de eerste grote bergetappe. Dat gebeurde op Courchevel. Terwijl mannen als Ivan Basso, Jan Ullrich en Alexandre Vinokourov de rol moesten lossen door het gebeuk van Discovery Channel, de ploeg van titelverdediger Lance Armstrong, konden Francisco Mancebo, Alex Rasmussen én Alejandro Valverde hun karretje wel aanhaken. De vier begonnen samen aan de laatste kilometer.

Daar versnelde Armstrong, maar Valverde volgde gezwind. Met zijn kenmerkende, explosieve eindschot schoot hij vervolgens voorbij de Amerikaan om de zege op te halen. Het was een boost voor het vertrouwen, zei de Murciaan in het eerdergenoemde interview met Marca. “Ik ben nog maar 25, dus ik heb nog de tijd om hem (de Tour de France, red.) te winnen”, aldus Valverde in december 2005. “Het is niet mijn intentie om het record van Armstrong te verbeteren, maar om tenminste één Tour te winnen. Als twee lukt, is dat mooi meegenomen.”

Valverde is Armstrong de baas op Courchevel – foto: Cor Vos

De droom om de Tour te winnen, zou nooit uitkomen. Valverde eindigde weliswaar zeven keer bij de eerste tien en stond in 2015 op het podium in Parijs, maar echt dichtbij de eindzege kwam hij nimmer. Drie weken lang de allerbeste klimmers bijbenen, bleek een brug te ver. Altijd was er wel een mindere dag, vaak als er boven de tweeduizend meter geklommen moest worden. Wat dat betreft, kwam hij beter tot zijn recht in rittenkoersen van een week. De Ronde van het Baskenland, het Critérium du Dauphiné (twee keer) en de Ronde van Catalonië (drie keer) staan allemaal (meermaals) op zijn eindeloze erelijst.

Puncheur en Puerto
Maar écht excelleren deed Valverde als het simpelweg ging om als eerste een streep te overschrijden. Geen gegoochel met tijd, maar gewoon ergens eerder aankomen dan de rest. In zijn hele carrière zou dit hem 133 keer lukken. Soms zegevierde hij na een solo, veel vaker na een sprint. Vooral als het in de laatste kilometer bergop liep, kon de concurrentie de borst natmaken. Regelmatig was er überhaupt niets aan hem te doen. Zoals op 5 juli 2008, tijdens de openingsrit van de 95ste Tour de France. Op de Côte de Cadoudal in Plumelec leek hij aanvankelijk te ver te zitten, maar dat bleek maar schijn. De tegenstand stond uiteindelijk niet op de foto. De opbrengst voor Bala: de ritwinst, het geel en beelden om veertien jaar later nog steeds vol bewondering te bekijken.

Zo’n indrukwekkende punch komt natuurlijk ook in de heuvelklassiekers van pas. In de Amstel Gold Race kwam Valverde opvallend genoeg vaak net te kort, maar in de Waalse Pijl en Luik-Bastenaken-Luik stond er meerdere keren geen maat op hem. Op de Mur de Huy won hij vijf keer, in Ans was hij vier keer de beste. Beide koersen won hij zowel voor zijn dopingschorsing als erna.

Valverde laat de tegenstand in 2017 weer eens zijn hielen zien op de Mur de Huy – foto: Cor Vos

Dopingschorsing
Het woord is gevallen: dopingschorsing. Op 31 mei 2010 werd Valverde voor twee jaar geschorst voor betrokkenheid in de zaak Operación Puerto. Ruim vier jaar eerder, op 14 mei 2006, meldde de Spaanse Guardia Civil al dat Valverde een verdachte was in de zaak rond Eufemiano Fuentes. In de dossiers van Fuentes zouden de codenamen 18 en Valv. (Piti) naar hem verwijzen. Dat was geen gekke gedachte: Piti was de naam van Valverdes hond. Bovendien werd later bewezen dat het DNA uit een van zijn bloedstalen overeenkwam met het DNA uit een van Fuentes’ bloedzakken.

Valverde zelf ontkende alle beschuldigingen, maar hij kwam niet onder een straf uit. Vanaf mei 2009 kon hij al niet in Italië koersen en het jaar nadien legde de UCI hem een wereldwijde schorsing op. Deze tweejarige schorsing ging met terugwerkende kracht op 1 januari 2010 in. Al zijn uitslagen van dat jaar – Valverde had onder andere de Ronde van Romandië gewonnen – werden geschrapt. Zijn eerdere zeges en ereplaatsen mocht hij wel behouden. Valverde ging nog tegen de uitspraak in beroep, maar dit werd op 4 november afgewezen. Tot op de dag van vandaag heeft hij nooit bekend, wat hem niet door iedereen in dank wordt afgenomen. 

Valpartij in Düsseldorf 
Bekentenis of niet, in 2012 mocht Valverde weer koersen, en het was direct duidelijk dat hij niet anderhalf jaar had stilgezeten. Hij pakte bij zijn rentree meteen een rit mee in de Tour Down Under. Later dat jaar won hij de Pyreneeënrit naar Peyragudes in de Tour de France en twee (individuele) etappes in de Vuelta a España, die hij als tweede afsloot. Kortom: Valverde was terug. En de tien daaropvolgende seizoenen zou hij niet meer weggaan.

Valverde in Australië, kort voor zijn rentree – foto: Cor Vos

Sterker nog, hij leek alleen maar beter te gaan rijden. Tussen 2014 en 2017 bleef hij bijvoorbeeld ongeslagen in de Waalse Pijl, in 2015 en 2017 zorgde hij voor een dubbel door ook Luik-Bastenaken-Luik nog maar eens te winnen. Niettemin was 2017 ook een pechjaar voor Valverde. In de openingstijdrit van de Tour de France, in een verregend Düsseldorf, kwam de 37-jarige Spanjaard keihard ten val. Hij brak zijn knieschijf en enkel. Dat was einde seizoen. En einde carrière?

”Toen ik mijn knie zag na de val, dacht ik dat mijn loopbaan als wielrenner voorbij was”, gaf Valverde een week na zijn val toe in gesprek met het het radiostation Onda Cero. “Maar gelukkig bleek het niet zo erg als aanvankelijk werd gevreesd. Het revalidatieproces zal zijn tijd in beslag nemen, maar ik ben ervan overtuigd dat de blessures volledig zullen genezen. Ik zal er alles aan doen om opnieuw grote wedstrijden te winnen.”

Laatste jaren
En dat deed hij. In 2018 zette Valverde de kroon op zijn werk door in Innsbruck wereldkampioen te worden. Daar slaagde hij in door – aan het slot van een loodzware wedstrijd – Romain Bardet, Michael Woods en Tom Dumoulin te kloppen in een sprint met vier. Na twee zilveren medailles en vier bronzen plakken, pakte hij eindelijk goud. Hij mocht een jaar lang in de regenboogtrui rijden.

De vreugde na het behalen van de wereldtitel – foto: Cor Vos

Het zou Valverdes laatste echt grote zege blijken, maar een modderfiguur sloeg hij in zijn laatste vier seizoenen zeker niet. Alleen in het eerste coronajaar ging het beduidend minder. “Als ik zo blijf koersen, is 2022 geen optie meer”, klonk hij in die periode pessimistisch. Hij kwam met die uitspraak terug op het idee om er na 2021 – zijn oorspronkelijke afscheidsseizoen – toch nog een jaartje extra aan te plakken. Toen het in 2021 plots toch weer begon te lopen, besloot hij echter alsnog door te gaan.

Het werd geen jaartje teveel. Valverde won nog wat kleine wedstrijden, maar verzamelde vooral de nodige ereplaatsen in grote klassiekers. Tweede in Strade Bianche, tweede in de Waalse Pijl, zevende in Luik-Bastenaken-Luik, zesde in de Ronde van Lombardije. Die laatste wedstrijd betrof de laatste uit zijn carrière. Na afloop sprak Movistar-ploegmanager Eusebio Unzué, die de trouwe Valverde sinds 2005 onder zijn hoede had, vol lof over zijn poulain tegenover El Imparcial.

“Valverde is een bijzondere renner, iemand met een magische gift. Hij is anders, uniek, in staat om welk type wedstrijd dan ook te winnen. Het is een renner zonder voorganger in het Spaanse wielrennen.”

Een rake typering, Unzué. Maar het woordje ‘Spaanse’ mag wel weggelaten worden.

Valverde zei ‘adiós’ met een zesde plek in Il Lombardia – foto: Cor Vos

Over Alejandro Valverde

Profploegen
2002: flag-es Kelme-Costa Blanca
2003: flag-es Kelme-Costa Blanca
2004: flag-es Kelme-Costa Blanca
2005: flag-es Illes Balears-Caisse d’Epargne
2006: flag-es Caisse d’Epargne-Illes Balears
2007: flag-es Caisse d’Epargne
2008: flag-es Caisse d’Epargne
2009: flag-es Caisse d’Epargne
2010: flag-es Caisse d’Epargne
2011: flag-es Movistar
2012: flag-es Movistar
2013: flag-es Movistar
2014: flag-es Movistar
2015: flag-es Movistar
2016: flag-es Movistar
2017: flag-es Movistar
2018: flag-es Movistar
2019: flag-es Movistar
2020: flag-es Movistar
2021: flag-es Movistar
2022: flag-es Movistar

Belangrijkste overwinningen
flag-nr1 Wereldkampioen op de weg (2019)
flag-nr1 flag-es Vuelta a España (2009)
flag-nr1 flag-be Waalse Pijl (2006, 2014, 2015, 2016 en 2017)
flag-nr1 flag-be Luik-Bastenaken-Luik (2006, 2008, 2015 en 2017)
flag-nr1 flag-es Clásica San Sebastián (2008 en 2014)
flag-nr1 flag-fr Critérium du Dauphiné (2008 en 2009)
flag-nr1 flag-es Ronde van Catalonië (2009, 2017 en 2018)
flag-nr1 flag-es Ronde van het Baskenland (2017)

flag-nr1 flag-fr Vier etappes Tour de France (2005, 2008 en 2012)
flag-nr1 flag-it Eén etappe Giro d’Italia (2016)
flag-nr1 flag-es Twaalf etappes Vuelta a España (2003, 2004, 2006, 2008, 2012, 2014, 2015, 2018, 2019)

Aantal overwinningen: 133



Lees verder op Wielerflits.nl

Deel dit nieuws :